Mediteren? Alle begin is moeilijk

Misschien heb jij het idee om te beginnen met mediteren al een tijdje in je hoofd. Vol goede moed ga je zitten op een matje, in kleermakerstand, je sluit je ogen, je let op je ademhaling en je probeert aan niets te denken. Om al na anderhalve minuut wanhopig te merken dat je gedachten alle kanten opgaan en dat het allesbehalve lijkt op rust! Dat komt omdat de mens een ‘monkey-mind’ heeft: ons brein springt van de hak op de tak en is voortdurend in actie. Mediteren is dan ook niet de kunst om niets te denken. Het is de kunst om op te merken dat je gedachten afdwalen en ze dan steeds weer vol compassie terug te brengen naar je ademhaling. Dat vereist oefening, en in het begin is dat echt lastig. Verwacht dan ook niet meteen een spirituele ervaring of een gevoel van totale ontspanning. Hoe vaker je mediteert, hoe gemakkelijker het lukt om rust te bereiken.

Je hebt vast gehoord over de voordelen van mediteren voor de gezondheid. Maar hoe begin je met mediteren? En waarom is het lastiger dan je denkt?
Mediteren is een techniek om je geest tot kalmte te brengen. Door rustig te zitten en je te focussen op je adem of op een vast woord (een ‘mantra’) ontstaat er uiteindelijk een diepere staat van bewustzijn. Of, zoals Boeddhisten zeggen, verlichting. We leven in een tijd waarin de wereld in sneltreinvaart doordendert. Hierdoor vragen we vaak veel van onszelf. En ook de wereld om ons heen vraagt veel van ons. Soms is het hierdoor lastig om de balans in je leven te vinden. Je raakt een beetje gestresst en verliest misschien je focus en het plezier. Wanneer je dit gevoel hebt, is het tijd om de rust in je hoofd weer terug te vinden, zodat er ruimte is om helder na te denken, goede keuzes te maken en te genieten van het leven.

Dat lijkt misschien allemaal wat zweverig, maar meditatie is uitgebreid onderzocht in de wetenschap. Het blijkt bij te dragen tot minder stress, meer concentratie en tot meer rust. Mensen die mediteren kunnen beter ‘in het moment’ leven, zodat ze zich minder gejaagd en gefrustreerd voelen en minder afgeleid worden door hun eigen gedachtes. Ze voelen meer compassie voor zichzelf en voor de mensen om hen heen.

Wil je niet of kun je niet meer wandelen? Dan zijn er hulpmiddelen om je te helpen bij meditatie, zoals matjes en meditatiekussens. Zeer populair zijn de apps op je telefoon, zoals Calm en Headspace. Hier kun je ‘geleide meditaties’ vinden, waarbij een stem je door de meditatie leidt. Of kalme muziek die je helpt te concentreren, of simpelweg een bel die gaat luiden als je je meditatie hebt volbracht. Ook yoga is goed om bij te mediteren en kan je daar bij helpen. Verder kun je ook meditatietrainingen volgen, soms als onderdeel van een cursus mindfulness. Probeer het eens, want meditatie kan je verrassend veel rust brengen!

Bewegen is goed voor ons, meditatie is goed voor ons, dus waarom combineren we het niet? Als je de hele dag al hebt gezeten dan is zittend mediteren soms niet heel aanlokkelijk. Wandelend mediteren of mindful wandelen is een oefening die je vraagt om je bewust (mindful) te zijn van je omgeving. Wandelen kan achteloos of gehaast, maar door bewust te wandelen wordt het lopen niet alleen een fysieke activiteit, maar ook een innerlijke beschouwing.
Vrijwel elke activiteit kan een mindfulness-oefening worden. Een alledaags taakje krijgt een heel andere lading wanneer iemand eraan voorafgaand een intentie uitspreekt. Zo is het ook bij wandelen.

Iedereen wandelt weleens. Lang of kort, in de stad of in de natuur. Je kunt het wandelen zien als een goede manier om te ontvluchten aan de hectische digitale maatschappij waarin men het steeds drukker heeft. Tenminste, wanneer we bewuster wandelen. Wanneer wordt gewandeld met de intentie om volledig aanwezig te zijn in dat moment, wordt de tocht niet alleen een fysieke beleving, maar ook een innerlijke beschouwing.

Kijk eens op een van deze websites mydeptmeditationmoments; gezond aan tafel; happinez.

Publicatie: 10-02-2021; gewijzigd: 15-07-2024

Wandelen om te wandelen

Nederlanders blijven ook na de coronapandemie veel wandelen. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) liep de gemiddelde Nederlander vorig jaar zo’n 8 kilometer per week. In 2019 was dit nog zo’n 6 kilometer.

In 2020 en 2021 gingen veel mensen als gevolg van de coronamaatregelen en de thuiswerkadviezen vaker wandelen. Hoewel er in 2023 iets minder gewandeld werd dan een jaar eerder, is het nog altijd een derde meer dan in 2019.

In totaal werd er in 2023 6,9 miljard kilometer gelopen. Het grootste deel wordt voor plezier afgelegd of voor een rondje met de hond. Ook wordt er veel gewandeld om boodschappen te doen of om uit te gaan of te gaan sporten. Nederlanders gaan zelden lopend naar het werk.

Tijdens corona was er een piek in het lopen omdat alles dicht was. Dat mensen nog steeds meer lopen nu sportclubs en sportscholen weer open zijn, is goed nieuws. Het wandelen lijkt een beetje in ons systeem gekomen. De pandemie heeft een grote rol gespeeld in de populariteit van wandelen. Ze ziet dat vooral ook jongeren zijn gaan wandelen.

Vaak gaat het bij wandelen over de grens van 10.000 stappen die je dagelijks moet halen. Alle beetjes helpen een bijdrage leveren aan je gezondheid. Grote studies laten zien dat 7000 of 8000 stappen ook voldoende is. Op oudere leeftijd ongeveer 5000 stappen. In feite zijn we evolutionair gemaakt om te wandelen, daarom is het zo gezond. Vroeger liepen wij uren om te zoeken naar voedsel. Ons lichaam is dus gebouwd om te wandelen.

Bronnen: nos.nl; fitvooralles.nl; seniorenkeuze.nl; www.loketgezondleven.nl; gezondidee.mumc.nl

Thuiszorg van de wijkverpleegkundige

Thuiszorg kan gaan om verschillende soorten hulp zoals hulp in de huishouding, begeleiding, persoonlijke verzorging en verpleging.
Verpleging en verzorging thuis is onderdeel van het basispakket van uw zorgverzekering. Er geldt geen eigen risico voor. De wijkverpleegkundige bekijkt samen met jou en eventueel jouw arts welke zorg je precies nodig hebt. Om in aanmerking te komen voor verpleging en verzorging thuis heb je geen verwijzing van een arts nodig. Je kunt zelf contact opnemen met een zorgaanbieder als je wijkverpleging wilt ontvangen. Bij het kiezen van een zorgaanbieder kun je advies vragen bij:

  • De gemeente;
  • Het sociale wijkteam van jouw gemeente (niet aanwezig bij elke gemeente);
  • De huisarts;
  • De transferverpleegkundige (verpleegkundige die na jouw ontslag uit het ziekenhuis zorgt dat je de juist zorg krijgt).

De huisarts of wijkverpleegkundige bespreekt samen wat je zelf nog kunt en welke verpleging en verzorging nodig is. Deze zorg wordt vergoedt vanuit de zorgverzekeraar. De wijkverpleegkundige helpt om de zorg te regelen samen met jouw familie of vrienden en andere professionele zorgverleners.

De wijkverpleegkundige coördineert vervolgens de thuiszorg voor je en stemt af met andere hulpverleners. Bijvoorbeeld de huisarts, een medisch specialist of de maatschappelijk werker. De wijkverpleegkundige let niet alleen op zorg gerelateerde thuiszorg. Wanneer je bijvoorbeeld hulp in huis nodig hebt of andere vormen van ondersteuning legt de wijkverpleegkundige hiervoor het contact met de gemeente. Zo wordt ook bijvoorbeeld huishoudelijke hulp geregeld als dat nodig is.

Om thuiszorg te regelen, neem je contact op de met de wijkverpleegkundige, deze is vaak in dienst van een thuiszorgorganisatie. De wijkverpleegkundige beoordeelt welke zorg je nodig hebt. Wil je vooraf advies dan kun je dit vragen bij jouw huisarts. Wijkverpleging wordt vergoed vanuit het basispakket van de zorgverzekering en er geldt geen eigen risico.

Alle verpleging en verzorging die je thuis krijgt, valt onder de noemer thuiszorg. Voorbeelden van thuiszorg zijn hulp bij aankleden en douchen, hulp bij het naar de toilet gaan. De medische zorg ontvangt je zo nodig van de wijkverpleegkundige. Voorbeelden van medische zorg zijn medicijnen klaarzetten en toedienen en wondverzorging.

Bronnen: rijksoverheid.nl; patiëntenfederatie.nl; regelhulp.nl.

Soms heel even niet

Hoe graag we het ook zouden willen: we hebben niet altijd grip op ons leven en de dingen die ons overkomen. Soms heb je van die momenten dat het lijkt alsof het allemaal niet wil. Iedereen heeft wel eens van die momenten dat je het even niet meer ziet zitten. Soms duurt zo’n gevoel eventjes en soms wat langer. Zit je in zo’n dip, dan is het extra belangrijk om de positieve dingen goed te onthouden. Alles is tijdelijk. Je gedachten, je emoties, je omstandigheden. Sta open voor positieve verandering en beweeg lekker mee.

Soms voelt het misschien niet zo. Iedereen is zo bezig met zichzelf. Ze zien jouw worsteling misschien niet eens. Dat betekent niet dat ze niet om je geven. Soms is het nodig om eerlijk te zijn over wat je nodig hebt. Een schouder om op te huilen, iemand om mee op pad te gaan of juist om uitbundig mee te kunnen lachen. Erom vragen is eng, want het maakt je kwetsbaar. Maar het geeft de mensen die van je houden de kans om er voor je te zijn.

Er zijn mensen die grotere problemen. Niet dat het dan voor jou minder erg maakt, maar in donkere tijden is een beetje relativering vaak geen overbodige luxe. Door daarover na te denken, maak je ruimte in je hoofd vrij voor de positieve dingen. De zaken in je leven waar je wel blij mee bent. Je lekkere huis. Je lieve hond. Mensen waar je veel van houdt. 

Vermoeidheid maakt alles zwaarder. Slapen maakt alles beter. Zie het als een soort reset. Door op tijd naar bed te gaan en een goede nacht te maken, maak je je hoofd even leeg. Je wordt ‘s ochtends wakker met nieuwe gedachten. Grote kans dat deze gedachten een stuk vrolijker zijn. 

Je gedachten zijn nu misschien donker. En dan lijkt de toekomst dat ook. Het is mijn eigen gedachte die met mij op de loop gaat. Maar wat je denkt is niet hoe het werkelijk in elkaar steekt. Word je bewust van je gedachten. Wat is het eerste wat je denkt wanneer je ‘s ochtends wakker wordt? Laat dat iets positiefs zijn, zodat je dag meteen ook al positief begint. Waar heb je zin in? Waar kijk je naar uit? Zorg voor afleiding, ga naar de film, ga lezen: geef je over aan het ritme van een verhaal. Het is makkelijker gezegd dan gedaan om je gedachten te sturen, maar er bewust van zijn is een eerste stap. Welke feiten zijn behulpzaam om te weten? Schrijf die op. Wat kun je beïnvloeden? Schrijf dat ook op en handel ernaar.

In een hoekje gaan zitten wachten op betere tijden, is niet zo zinvol. Als je iedere dag hetzelfde doet, krijg je iedere dag dezelfde uitkomst. Tijd helpt, maar jij kunt de klok een beetje vooruit helpen door het leven vandaag anders aan te vliegen dan gisteren. Wil je afvallen, fitter worden? Begin letterlijk met wat meer te bewegen. Onze wandelgroep kan een uitkomst zijn. Zoek je meer vrienden? Begin een hobby. Je zult zien dat de uitkomst – hoe je je voelt – ook anders is als je ergens mee begint. Mooier, misschien.

Bronnen: Voor positiviteit; Psyned; Uniek Sporten; Marjon Moed

Hielspoor, een pijnlijke aandoening

Wat houdt deze pijnlijke aandoening in en hoe kom je er vanaf? Hielspoorklachten komen vooral voor bij mensen boven de 40 jaar. Ze ontstaan vaak bij mensen die hun voeten veel belasten, zoals bij hardlopen, maar ook bij mensen die juist heel weinig bewegen. Een afwijkende stand van de voeten (platvoeten of holvoeten) of een verkeerd looppatroon verhogen het risico op hielspoor. Ook overgewicht kan hielspoorklachten tot gevolg hebben. De kans op pijnklachten wordt ook groter door het dragen van verkeerde of versleten schoenen die de schok van het neerkomen van de voet niet goed opvangen. Denk aan lopen op sloffen zonder veel steun en bij warmer weer op slippers, sandalen of blote voeten.

Onder de voet bevindt zich een peesplaat die van de hiel naar de tenen loopt. De aanhechting van deze peesplaat aan het hielbot kan door overbelasting ontsteken en zelfs verkalken. Die verkalking vormt een verdikking aan het bot: een hielspoor. Heel veel mensen hebben daar een extra stukje bot of verkalking, maar niet iedereen heeft er last van. Wanneer zo’n verdikking de peesplaat wél irriteert, krijgt iemand klachten. Die hielspoorklachten worden vaak óók hielspoor genoemd, hoewel die benaming dus niet helemaal juist is. Zo’n peesplaatontsteking (fasciitis plantaris) kan overigens ook ontstaan zonder dat een verkalking aanwezig is. Hielspoor heeft één duidelijk symptoom: felle, scherpe pijn en stijfheid onder de hiel bij lang staan en lopen. Dit trekt in eerste instantie weer weg in rust. Wanneer de klachten langer duren kan de pijn continu aanwezig zijn.

Meer informatie?

Veel mensen vinden het heerlijk om al wandelend lekker buiten te zijn en misschien mooie natuurgebieden gaan ontdekken. Maar al dat wandelen heeft ook een keerzijde: je kunt er pijnlijke blessures van krijgen. Op deze website worden vijf veel voorkomende wandelblessures besproken. Maar de eerste zorg is natuurlijk dat je goede wandelschoenen hebt en vergeet niet eens naar de onderkant te kijken. Ook goede sokken dragen bij aan minder blessures. Tijd om die oude schoenen en sokken eens te bekijken.
Wandel je vaak langere afstanden neem dan ook eens een kijkje op de website van Sportzorg of de website van Voetenbeweging.

Geplaatst 10-04-2024; gewijzigd 16-04-2024.

Smoesjes om niet te wandelen

We kennen het allemaal van vroeger en soms doen we het nog steeds om een ander maar vooral jezelf voor de gek te houden. Het is zo makkelijk om ergens met een smoes onder vandaan te komen. Daarom hieronder een aantal smoezen en antwoorden op die smoezen om niet in beweging te komen. Onze gezondheid is niet gebaat bij smoezen!

  1. Ik heb echt gewoon geen tijd
    Het erge is dat je waarschijnlijk ook écht gelooft dat je geen tijd hebt. De tijd niet hebben is geen excuus, je moet er tijd voor maken. Kijk eens heel kritisch naar je leven op dit moment; hoeveel uur per week kijk je bijvoorbeeld tv? Is dat iets dat bijdraagt aan een fitter en gezonder leven? Word je daar gelukkiger of trots op jezelf door? Nee. Waarom maak je daar dan wel tijd voor? Wie geen tijd heeft, kan er niet mee omgaan!
  2. Ik heb er de energie niet voor
    Als je zegt dat je te moe bent of de energie niet hebt om te gaan sporten is het duidelijk te lang geleden dat je daadwerkelijk gesport hebt. Je bent dan vergeten hoeveel energie je juist krijgt van een flinke wandeling. Tijdens het wandelen of sporten maakt je lichaam namelijk endorfine aan. Dit stofje werkt in de eerste plaats pijn verminderend, maar daarnaast geeft het je een gelukkig, euforisch gevoel. Ook voel je je fitter en energieker. Meestal een gevoel van blij dat ik het toch gedaan heb.
  3. Ik ben daar toch echt te oud of te dik voor 
    Het is nooit te laat om meer te gaan bewegen! Je moet wel het niveau aanpassen aan je eigen situatie. Kijk bijvoorbeeld naar de gymnastiek die in verzorgingshuizen wordt gegeven. Dit is voor sommigen niet meer dan het overgooien met een bal, maar dat is in ieder geval beter dan de hele dag op de bank zitten. Laat het niet zo ver komen en ga en blijf wandelen of een andere sport, als je maar in beweging komt. En… te dik is nooit een excuus om niet te wandelen of te sporten. Wel eens van een diëtist of van GLI gehoord? Op de website van het ‘Platform Wandelen in Apeldoorn’ is daar een artikel over te lezen.
  4. Ik heb helemaal geen zin in spierpijn
    Voordat we beginnen met zeuren over spierpijn, moeten we het eerst eens hebben over wat spierpijn nou eigenlijk is. Pijn in de spieren, ja. Deze pijn kan veroorzaakt worden door (over)belasting als je de spieren op een andere manier of zwaarder belast dan ze gewend zijn. Bij het wandelen kunnen er diverse oorzaken zijn, zeker bij het ouder worden. De belangrijkste daarvan zijn, te weinig beweging door te weinig wandelen of door verkeerde/versleten schoenen. Dus kijk twee keer per jaar eens naar de onderkant van je schoenen! Heb je een fysiotherapeut overleg eens je spierpijn, of ga voor goede schoenen naar een goede schoenwinkel of desnoods podoloog en laat je adviseren.
  5. Ik weet niet hoe ik moet beginnen
    Ja, zeg, toch ook al heel jong geleerd om de ene voet na de andere andere vooruit te zetten? Trek dus die schoenen aan en begin. Eerst maar eens een kwartiertje per dag en langzaam uitbouwen. Dan kan het zo maar gebeuren dat je bij een wandelgroep meewandelt. Een eerste begin naar een fitter en vooral gezonder leven!
  6. Ik heb geen zin om vies te worden van het zweet
    Zweten doen we allemaal. De één iets meer dan de ander, maar in de zomer is zweten bijna onvermijdelijk. Weet je eigenlijk wel waarom je zweet? Over je hele lichaam bevinden zich zweetklieren. Als je zo inspannend bezig bent dat je lichaamstemperatuur te hoog wordt, zorgen deze klieren ervoor dat er een laagje vocht op je huid komt. Doordat dit vocht verdampt zakt de lichaamstemperatuur weer iets.
    Nog even 2 tips. Veel mensen drinken niet genoeg water. Een gevolg van uitdroging is een vermoeid en suf gevoel. Houd daarom eens goed in de gaten of jij wel genoeg vocht binnenkrijgt. De tweede tip is zorg voor laagjes kleding ook bij het wandelen, zo kun je je eigen temperatuur regelen door iets uit of weer aan te trekken.
  7. Ik wil geen verplichtingen
    Als je wandelen als een verplichting ziet, dan is er al iets niet goed. Het is heel belangrijk hoe je tegen het wandelen aan kijkt. Door een positieve instelling ga je gemotiveerder aan de slag en zul je ook minder vaak geneigd zijn excuses te bedenken om niet te hoeven gaan. Aan het begin zul je jezelf moeten dwingen om te gaan. Uiteindelijk ga je wandelen  zien als een moment voor jezelf, of zelfs als hobby!
    Daarnaast zijn er eerder meerdere vormen van lichaamsbeweging die je helemaal zelf kan doen, wanneer jij wilt. Maar wandelen behoort tot de goedkoopste sporten die er zijn. Bij onze wandelgroep zijn er geen verplichtingen, maar binnen de groep ervaar je vaak de verplichting om toch te komen, mooier en goedkoper kan het niet, toch?
  8. Ik houd het toch niet lang vol
    Met deze instelling kom je inderdaad niet ver. Je moet wel een beetje motivatie bij jezelf los weten te krijgen en vertrouwen in jezelf creëren. Een klein beetje sociaal zijn is ook belangrijk. Door begeleiding en de juiste aanpak is dit te realiseren. Maak van te voren een duidelijk plan met wat je gaat doen, hoe vaak, en wat je hiermee wilt bereiken. Begin niet direct te fanatiek. Kleine afstanden wandelen in een rustig tempo kan bij ons ook. De afstand die je aflegt is niet belangrijk maar de tijd dat je in beweging bent. Hiernaast kan het helpen om iemand te vinden waarmee je samen gaat wandelen, zodat je niet alleen jezelf moet teleurstellen als je niet gaat, maar ook je wandelmaatje. Dit is ook een voordeel van wandelen in een groep. Je wilt immers niet als eerste stoppen!
    Nu voel ik een nieuwe smoes opkomen… Je kunt niemand vinden die met je wil wandelen. Daar trappen we niet in. Bij een wandelgroep zijn altijd meerdere mensen die wandelen!
  9. Ik heb geen discipline
    Ja, dat probleem herken ik. Of ik zeg nu wel probleem, maar dat is het juist niet. Het wel of niet hebben van discipline is geen gegeven feit, maar iets dat je jezelf aan kunt leren. Want ook jij hebt heus wel discipline. Beantwoord deze vraag maar eens: Poets je iedere dag je tanden? Nu denk je misschien, dat is toch logisch. Inderdaad, weinig mensen zullen hun tanden niet iedere dag poetsen. Sterker nog, je doet het waarschijnlijk zelfs twee keer per dag! En dat is niet omdat je het zo leuk vindt om te doen, maar puur omdat het je is aangeleerd omdat het goed voor je is. Je hebt het na vaak herhalen opgenomen in je dagelijks patroon en je zult er waarschijnlijk nauwelijks bij stilstaan. Precies wat jij dus moet gaan doen; je het wandelen of sporten aan gaan leren omdat het goed voor je is! Als het eenmaal in je dagelijks patroon is opgenomen is wandelen niet meer een optie, maar iets dat je gewoon doet.
  10. Ik voel me vandaag niet zo lekker
    Natuurlijk kun je een keertje ziek zijn. Als je met hevige koorts in bed ligt dan heb je wat mij betreft eindelijk een geldig excuus om niet te gaan sporten. Voor alle andere kleine pijntjes geldt dat wandelen vaak juist goed is. Denk bijvoorbeeld aan menstruatiepijn, verkoudheid, hoofdpijn, allergie of een kater. Dit komt onder andere doordat zweten een vorm van ontgiften is, waarbij je lichaam de stoffen afvoert die je ziek maken.
    Daarbij komt de fijne werking van endorfine weer om de hoek kijken. Je voelt je hier niet alleen beter door, ook helpt het om pijn te verminderen. De ademhaling tijdens het wandelen zorgt ervoor dat er meer zuurstof in de bloedbaan komt. Vaak horen we dan ook, ik had niet veel zin vanmorgen, maar ben toch blij dat ik gegaan ben.
  11. Het regent
    Het hangt een beetje af van welke sport je doet of dit excuus geloofwaardig is. Over het algemeen geldt: niet aanstellen, gewoon gaan!  Ik zou zeggen, trek die regenjas aan en ga ervoor!  Gaat een beetje regen je écht in de weg zitten? Tijdens flinke inspanning kan die miezerregen misschien zelfs lekker verkoelend zijn. Soms is het juist leuk om samen een beetje regen te trotseren bij het wandelen, zolang het maar geen hoosbui is. Maar wat let je, dan wandel je toch wat korter, maar ga in ieder geval wandelen!
  12. Ik begin volgende week wel
    Van uitstel komt… inderdaad. Dus begin nu! Hopelijk geven deze twaalf punten je een zetje in de goede richting gegeven. Je hoeft natuurlijk niet meteen je wandelschoenen aan te doen en naar buiten te gaan, maar je kunt wel vast beginnen met de voorbereidingen. Begin vandaag nog met het opstellen van jouw doelen, bekijk wat voor andere mogelijkheden er in de buurt zijn en ga op zoek naar een maatje. Zet nu die eerste stap naar een fit lichaam en een leven vol energie! Beweging door te wandelen en sociaal actief te kunnen zijn is nodig voor een beter leven.

Dat je alleen aan wandelen of sporten hoeft te doen als je wilt afvallen of gespierder wilt worden is een groot misverstand. Een actief leven brengt namelijk veel meer voordelen met zich mee. De belangrijkste zijn:

  • verlaagde bloeddruk
  • verlaagde hartslagfrequentie, wat je leven aanzienlijk kan verlengen
  • verlaagde kans op hart- en vaatziekten
  • verminderd risico op diabetes
  • sterkere spieren, maar ook sterkere botten en gewrichten
  • betere bloedsomloop en sterkere longen
  • het houdt je cholesterolgehalte in balans
  • je zit beter in je vel
  • je kunt beter tegen stress
  • verminderde kans op depressie
  • een flexibeler lichaam

Lichaamsbeweging draagt dus bij aan een gezonder lichaam en geest, en een langer leven vol energie! Nog even een tip: ga als senior niet direct allerlei oefeningen doen, overleg dit eerst even met een fysiotherapeut of huisarts. Niet alles is mogelijk op oudere leeftijd!
Een wandelgroep is daarbij een mooie gelegenheid om in beweging te komen en andere mensen te ontmoeten en sociaal actief te blijven. Gewoon elke vrijdagmorgen opnieuw en zonder uitvluchten of smoesjes.

Waarom word je dikker als je ouder wordt?

Vroeger kon je ‘alles’ eten, maar tegenwoordig vliegen de kilo’s er gemakkelijk aan én verdwijnen ze weer een stuk moeilijker. Voor de meeste mensen is het een feit dat ze bij het ouder worden ook wat zwaarder worden en dat hun figuur niet meer zo strak is als voorheen. Je spiermassa neemt af als je ouder wordt. Herkenbaar?

Goed nieuws: je kunt dit proces flink vertragen.

Lees verder!

Wat is neuropathie?

Neuropathie is de verzamelnaam voor alle aandoeningen die worden veroorzaakt door het niet goed functioneren van één of meerdere zenuwen. Het gevolg van een neuropatische aandoening is dat spieren niet meer volledig werken. Als er één zenuw slecht functioneert, spreken we van mononeuropathie. Zijn er meerdere zenuwen aangetast, dan noemen we dit polyneuropathie.
Hoewel neuropathie in het Grieks ‘zenuwziekte’ betekent, heeft deze aandoening niets met de psychiatrische gesteldheid van doen. 

Bij mononeuropathie is slechts één zenuw aangedaan, zoals bij het carpaletunnelsyndroom en aangezichtspijn. Bij polyneuropathie zijn er problemen met meerdere zenuwen. Er ontstaan dan meestal klachten zowel links als rechts van het lichaam en de pijn is even ernstig. Bij multiple polyneuropathie zijn ook meerdere zenuwen van het lichaam aangetast. Deze kunnen zich echter overal in het lichaam bevinden. Bijvoorbeeld aan de rechterkant de zenuw van de wijsvinger en aan de linkerkant de zenuw van de voet. 

Neuropathie kan optreden aan zowel het perifere zenuwstelsel, autonome zenuwstelsel als hersenzenuwen. De storing treedt meestal op aan het uiteinde van de zenuwen. Dit kan een sensorische zenuw zijn die gevoelsinformatie doorstuurt naar het centrale zenuwstelsel. Of motorische zenuwen die onze bewegingen coördineren en aansturen. Ook beide soorten zenuwen kunnen bij neuropathie aangedaan zijn.

De symptomen van neuropathie in de gevoelszenuwen zijn een doof gevoel in de ledematen, prikkelingen, tintelingen, aanrakingspijn, evenwichtsstoornissen en een veranderend gevoel. Neuropathie van de motorische zenuwen kan gepaard gaan met de volgende klachten: kramp, spierverlies en spierzwakte.

Neuropathieën zijn moeilijk te behandelen. Wel kunnen maatregelen genomen worden om de klachten te verminderen en verdere achteruitgang tegen te gaan. Het is echter wel zo, dat de schade aan de zenuwbanen vaak niet meer kan worden hersteld. De pijn is vaak moeilijk te bestrijden. In veel gevallen werkt Paracetamol onvoldoende. Er zijn wel geneesmiddelen tegen depressie en epilepsie die de symptomen van neuropathie kunnen beperken. Ook kan de arts een huidzalf voorschrijven of geneesmiddelen die via de bloedbaan worden toegediend.

Wil je hier meer over weten, ga dan naar de websites die hieronder bij de bronnen worden vermeld. Neem bij klachten altijd contact op met je huisarts!

Bronnen: Thuisarts.nl; Medfit.nl; Neuropathie.nu; Spierziekten.nl.