Wat mag u meenemen uit het bos?

Een mooie tak, een handvol kastanjes of een paar paddenstoelen: tijdens een herfstwandeling komt u van alles tegen. Misschien wilt u zo’n mooie bosvondst wel mee naar huis nemen. Maar mag dat eigenlijk? Niet alles wat op de grond ligt, mag zomaar worden meegenomen. De regels verschillen bovendien per natuurgebied.

Nee, niet automatisch. Planten, vruchten, takken en andere natuurlijke materialen zijn in principe onderdeel van het natuurgebied en vallen onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar of terreinbeheerder. Wat wel mag, kijk daarvoor op de website van de verschillende natuurorganisaties of de gemeentelijke website.

Daarnaast heeft wat op de bosbodem ligt vaak een functie. Dode takken zijn bijvoorbeeld belangrijk voor insecten en schimmels. Eikels, kastanjes, bessen en zaden vormen weer voedsel voor vogels en andere dieren.

De veiligste regel is daarom: laat de natuur zoveel mogelijk liggen.

Een paar kastanjes of eikels meenemen voor een herfststukje of om thuis te bekijken, lijkt misschien onschuldig. Toch zijn ook deze bosvondsten onderdeel van het ecosysteem. Dieren gebruiken ze als voedsel.

Of u iets mag meenemen, hangt bovendien af van de eigenaar of beheerder van het gebied. Controleer daarom altijd de plaatselijke regels.

Bij sommige terreinbeheerders is kleinschalig wildplukken voor eigen gebruik toegestaan. Staatsbosbeheer staat dit bijvoorbeeld op kleine schaal en op eigen risico toe. Als richtlijn wordt voor onder meer bramen en paddenstoelen een hoeveelheid van ongeveer 250 gram, de inhoud van een champignonbakje, gehanteerd.

Daarbij geldt onder meer:

  • pluk alleen voor eigen gebruik;
  • verzamel geen grote hoeveelheden;
  • beschadig geen planten;
  • blijf op de toegestane paden;
  • laat voldoende over voor dieren en andere natuurliefhebbers.

Maar let op: deze regels gelden niet overal.

In natuurgebieden van Natuurmonumenten is wildplukken niet toegestaan. Dat geldt voor onder meer paddenstoelen, bloemen, planten, vruchten, zaden en noten. De organisatie wijst erop dat deze materialen belangrijk zijn als voedsel voor dieren en dat plukken en struinen buiten de paden de natuur kunnen verstoren.

Een handje kastanjes meenemen is dus niet overal toegestaan, ook al lijkt het om een kleine hoeveelheid te gaan.

Met paddenstoelen is extra voorzichtigheid geboden. In sommige gebieden is het plukken ervan niet toegestaan. Gemeenten kunnen bovendien eigen regels hebben.

Staatsbosbeheer staat kleinschalig plukken in principe toe, maar benadrukt dat paddenstoelen plukken op eigen risico gebeurt. Giftige en eetbare soorten kunnen lastig van elkaar te onderscheiden zijn. Daarom stimuleert Staatsbosbeheer het plukken van paddenstoelen niet.

Wilt u paddenstoelen bewonderen? Dan is fotograferen natuurlijk een veilig alternatief.

Een mooie afgevallen tak lijkt misschien een gratis decoratie voor thuis, maar ook die kunt u beter laten liggen. Dood hout is namelijk belangrijk voor het bos. Het biedt voedsel en schuilplaatsen aan allerlei insecten, schimmels en andere organismen.

Neem daarom geen takken, stammen of ander hout mee, tenzij de terreinbeheerder daar uitdrukkelijk toestemming voor geeft.

Bloemen plukken of planten uitgraven is in natuurgebieden niet de bedoeling. Zeker beschermde of zeldzame soorten moet u met rust laten.

Ook hier geldt: geniet van wat u ziet, maar laat het staan voor de natuur en voor de volgende bezoeker.

Er is geen regel die voor ieder bos en natuurgebied hetzelfde is. Een gebied van Staatsbosbeheer kan andere regels hebben dan een terrein van Natuurmonumenten of een gemeentelijk park.

Kijk daarom bij de ingang naar de informatieborden en controleer bij twijfel de website van de terreinbeheerder. Staatsbosbeheer adviseert bezoekers nadrukkelijk om zich aan de plaatselijke toegangsregels te houden.

Wilt u zeker weten dat u goed zit? Laat de meeste bosvondsten gewoon liggen. Een foto maken van die bijzondere paddenstoel, kastanje of herfsttak mag natuurlijk wel. Zo blijft het bos mooi voor uzelf, voor andere bezoekers én voor de dieren die er leven.

Bron: Maxvandaag.nl

Meer natuur herkennen? 

Deze gratis apps vertellen u meteen welke dieren en planten u ziet of hoort

In de natuur is altijd van alles te ontdekken. Van vogels en vlinders tot bomen, bloemen, paddenstoelen en andere dieren. Maar weet u ook precies wat u tijdens een wandeling, in de tuin of op vakantie tegenkomt? Tegenwoordig zijn er verschillende gratis apps die u daarbij kunnen helpen. Door een foto te maken of een geluid op te nemen, krijgt u vaak direct te zien om welke soort het mogelijk gaat. Leuk voor wie nieuwsgierig is naar de natuur en een handige manier om meer te leren over de soorten die u tegenkomt. Deze apps zijn het proberen waard.

Met de app ObsIdentify kunt u allerlei soorten uit de natuur identificeren. Denk aan planten, bomen, bloemen, paddenstoelen, insecten, vogels en andere dieren. U maakt een foto of kiest er een uit uw galerij. Vervolgens geeft de app verschillende suggesties, waarbij in percentages wordt aangegeven hoe waarschijnlijk het is dat de herkenning klopt.

U krijgt daarnaast meer informatie over de gevonden soort. Waarnemingen kunt u bewaren en doorgeven aan waarneming.nl. Zo kunt u niet alleen uw eigen natuurontdekkingen bijhouden, maar ook bijdragen aan het verzamelen van informatie over de Nederlandse natuur. Zeker de moeite waard om te doen en kijk eens op genoemde website.

Zelf ben ik enthousiast over deze app deze is eenvoudig te leren gebruiken. Soms een foto uit een andere hoek of uitsnede van foto helpt je daarbij.

Ook iNaturalist is een handige app voor iedereen die meer over de natuur wil weten. Maak een foto van een dier, plant, paddenstoel of ander organisme en de app doet suggesties voor de mogelijke soort.

De locatie speelt daarbij een rol, waardoor de app rekening kan houden met soorten die op die plek voorkomen. Andere gebruikers kunnen vervolgens helpen om een waarneming te controleren. Uw waarnemingen worden bovendien bijgehouden, zodat u later kunt terugkijken wat u allemaal heeft ontdekt.

Wie tijdens een wandeling vooral vogels wil herkennen, kan terecht bij Merlin Bird ID. De app van Cornell University kan vogels herkennen aan de hand van een foto én van hun geluid. Open de app wanneer u vogelgeluiden hoort en laat de geluidsherkenning bepalen welke soorten er mogelijk in de omgeving zitten. Leuk om een tijdje de geluiden te laten opnemen en direct te herkennen welke vogels je in de buurt hoort.

Gebruik deze ook eens tijdens uw vakantie en direct te horen welke vogels er in uw omgeving te horen zijn. Werkt prima, uit eigen ervaring.

Heeft u geen vogel kunnen fotograferen, maar wel een foto van een vogel? Dan kunt u die in de app laten analyseren. Merlin is wereldwijd te gebruiken en heeft ook een offline modus. De vogels die u herkent, kunt u aan een persoonlijke collectie toevoegen.

Wilt u vooral ontdekken welke vogels u hoort, dan is BirdNET een andere mogelijkheid. De app analyseert een geluidsopname en probeert vervolgens vast te stellen welke vogelsoort(en) het geluid maken.

BirdNET is ontwikkeld door onderzoekers van de TU Chemnitz en het Cornell Lab of Ornithology. De app kan duizenden vogelgeluiden herkennen in Europa en Noord-Amerika. U kunt ook bekijken welke vogels in een bepaald gebied voorkomen.

De Vogelbescherming biedt verschillende hulpmiddelen voor vogelliefhebbers. Via de web-app Mijnvogelvinder.nl kunt u ontdekken welke vogelsoorten u mogelijk tegenkomt en waar u op moet letten.

De web-app helpt u bij het herkennen door vragen te stellen over bijvoorbeeld de grootte en kleur van een vogel. Ook kunt u een foto gebruiken. Verder is er een vogelgids met ruim 300 soorten en hun geluiden. Waarnemingen kunt u eveneens opslaan.

Ook met Google Lens kunt u veel uit de natuur herkennen. Maak een foto van bijvoorbeeld een bloem, boom, insect, vogel of ander dier en laat Google zoeken naar overeenkomsten en informatie.

Google Lens maakt deel uit van de Google-app. Voor Apple kunt u de Google-app gebruiken. Voor Android is er ook een Google Lens-app.

Niet elke herkenningsapp werkt zonder internetverbinding. Bent u op een plek met weinig of geen bereik, maak dan alvast foto’s van wat u tegenkomt. U kunt die op een later moment alsnog in een app bekijken en proberen te achterhalen welke plant, paddenstoel of welk dier u heeft gezien.

Let wel: de herkenning van dit soort apps is niet altijd foutloos. Gebruik de uitkomst daarom vooral als hulpmiddel en controleer bij twijfel de informatie over de soort. Juist dat verder uitzoeken kan een wandeling in de natuur extra leuk maken.

Een bijzonder natuurverschijnsel: ijshaar

IJshaar ziet eruit alsof er allemaal witte haren uit een stuk hout groeien. Met een beetje fantasie lijkt het op een pluk wol, engelenhaar of een baard. Daarom wordt ijshaar ook wel ‘de baard van koning winter’ genoemd.

Hoe ontstaat ijshaar?
IJshaar is een bijzondere vorm van ijsaanwas. In tegenstelling tot rijp waarbij zich ijskristallen vormen of bij ijzel die ontstaat door onderkoelde regen, bestaat ijshaar uit dunne draadjes ijs die zich vormen op dood hout van loofbomen. De schimmels die zich in het hout bevinden zijn verantwoordelijk voor de aanmaak van ijshaar. Van afstand lijkt ijshaar op een langwerpige pluk wol. IJshaar kan alleen groeien bij een temperatuur net onder het vriespunt en bij een hoge luchtvochtigheid. In dood kernhout (dus niet op de bast) bevinden zich kleine schimmels ‘Exidiopsis effusa’ (rozeblauwig waskorstje) die als afvalstoffen water en koolzuurgas uitscheiden, Dit wordt door hele kleine openingetjes naar buiten geperst. Als zo’n nat stuk hout bevriest, krijgt de waterdamp een structuur die bestaat uit hele dunne draadjes: ijshaar. Als de weersomstandigheden goed zijn, blijft het ijshaar ‘groeien’. Sommige draden kunnen tot wel 9 centimeter lang worden!
Een hoge luchtvochtigheid zorgt ervoor dat het naar buiten geperste vocht niet kan verdampen. De omgevingstemperatuur moet zich net onder nul bevinden maar niet te laag worden, anders gaan de schimmels in winterslaap en produceren ze te weinig water waardoor de groei van het ijshaar stopt. Verder wordt er geen ijshaar gevormd als er sneeuw ligt en als de temperatuur boven nul komt verdwijnt het ijshaar eveneens. Ook zorgen aanraking van mens of dier en zonlicht ervoor dat de ijsdraadjes smelten, maar zolang luchtvochtigheid en temperatuur op peil blijven kan ijshaar blijven groeien en zullen er flinke plukken ijswol ontstaan.

IJshaar. Foto: Ronald Huizer (Wikimedia Commons)

Waar vinden we ijshaar?
IJshaar kunnen we ’s morgens vroeg tegenkomen of op plekken met genoeg schaduw. Meestal in de maanden november of maart bij lichte (nacht)vorst. In ons land groeit ijshaar alleen op dood hout van eiken en beukenbomen, altijd op loofbomen en niet op naaldbomen. In Noord-Amerika bevindt ijshaar zich op elzen en esdoorns.
Het is minder zeldzaam dan men beweert, maar als je het ziet is het meestal vroeg in de ochtend of ergens in de schaduw, in een bos met beuken- en/of eikenbomen. Soms als de omstandigheden goed zijn, blijft het echter een aantal uren te zien.
Bij Wandelgroep Orderbos op de dinsdagmorgen komen we het een paar keer per jaar tegen. Helaas is het ook zo weer weg. Het smelt binnen de kortste keren als sneeuw voor de zon.

Boomschuim. (natuurnotitiesmoniquesmulders.blogspot.com)

Niet verwarren met boomschuim
IJshaar moet niet worden verward met boomschuim, want boomschuim is te vinden na nachtvorst met overdag een temperatuur boven nul en hevige regenval. Hierdoor ontstaan spleten in de boom waarbij het gegiste boomsap een chemische verbinding aangaat met het regenwater en er schuim ontstaat.
De meeste mensen maken geen boswandeling als het nat en druilerig weer is, maar dan loop je wel de kans om een bijzonder verschijnsel mis te lopen. Vooral dan kun je onderaan een boom grote plukken schuim aantreffen. Het lijken grote klodders zeepsop en dat klopt ook, maar dan wel natuurlijk schuim uit de boom zelf dat onder de schors vandaan komt. Hoe ruwer de schors van de boom, hoe meer schuim er wordt gevormd.

Meer informatie?
Een website met meer informatie en mooie foto’s vind je onder deze link. Niet alleen ijshaar maar heel veel over paddestoelen en aanverwante zaken. Of kijk eens op de website van Natuurmonumenten.

Publicatie: 12-12-2019; gewijzigd: 06-02-2025

Paddenstoelen in de herfst

Paddenstoelen groeien vaak in de herfst vanwege de ideale omstandigheden die deze tijd van het jaar biedt voor hun ontwikkeling. De herfst combineert verschillende factoren die gunstig zijn voor de groei van schimmels, waaruit paddenstoelen voortkomen:

  1. Vochtigheid: In de herfst regent het vaak meer, waardoor de grond en omgeving vochtig worden. Paddenstoelen hebben een vochtige omgeving nodig om te groeien, omdat schimmels afhankelijk zijn van water voor het opnemen van voedingsstoffen.
  2. Mildere temperaturen: De temperaturen in de herfst zijn over het algemeen koeler, maar niet te koud. Dit biedt een goed klimaat voor de groei van paddenstoelen. Ze gedijen het beste bij milde temperaturen, vaak tussen 10 en 20 graden Celsius.
  3. Afbrekend organisch materiaal: In de herfst laten bomen hun bladeren vallen, en veel planten beginnen af te sterven of te vergaan. Paddenstoelen leven vaak van organisch materiaal, zoals dode bladeren, takken en ander plantaardig afval. Dit biedt een overvloed aan voedingsstoffen voor de schimmels om te groeien.
  4. Lichtomstandigheden: De kortere dagen in de herfst creëren ook gunstigere lichtomstandigheden voor veel soorten paddenstoelen. Paddenstoelen hebben geen direct zonlicht nodig zoals planten, en ze groeien vaak beter in schaduwrijke en donkere omgevingen.
  5. Herfst is het reproductieseizoen voor veel schimmels: De herfst is voor veel schimmels de periode waarin ze sporen vormen, die de voortplanting van de schimmel mogelijk maken. Paddenstoelen zijn het vruchtlichaam van de schimmel, waarin deze sporen worden gevormd en vrijgegeven.

Deze combinatie van vocht, temperatuur, beschikbaar voedsel en geschikte lichtomstandigheden maakt de herfst het perfecte seizoen voor de groei van paddenstoelen.

Paddenstoelen groeien soms in de zomer omdat de omstandigheden gunstig kunnen zijn, ondanks dat ze vaker worden geassocieerd met de herfst. De belangrijkste factoren die de groei van paddenstoelen beïnvloeden, zijn vocht en temperatuur. Hoewel de herfst traditioneel wordt gezien als het seizoen voor paddenstoelen vanwege de combinatie van kou en vocht, kunnen zomerse buien en warme temperaturen onder de juiste omstandigheden ook een goede omgeving bieden voor hun groei.

Paddenstoelen herkenen in het bos? Kijk op de website van Natuurmonumenten, of kijk op de website van het IVN. Wil je nog meer over paddenstoelen weten, ga dan naar deze blog of naar de site van de Nederlandse Mycologische Vereniging. De NMV verzamelt en verbreidt kennis van paddenstoelen en hun leefwijze, kweekt belangstelling voor de mycologie.

Welke paddenstoelen zijn giftig?

De bekendste giftige paddenstoel in Nederland is de groene knolamaniet, tevens een van de giftigste soorten ter wereld. Een kleine hoeveelheid van 30 tot 50 gram van deze ‘death cap’, zoals hij in het Engels ook wel wordt genoemd, kan al dodelijk zijn. Na consumptie moet de maag zo snel mogelijk leeggepompt worden. Extra verraderlijk aan de groene knolamaniet is dat hij in sommige groeistadia op een champignon lijkt. En groen is hij trouwens ook meestal niet.
Verder moet je – onder vele andere – oppassen voor de panteramaniet, sommige parasolzwammen, de giftige satijnzwam en het bundelmosklokje.

Jaarlijks lopen gemiddeld twintig mensen in Nederland een vergiftiging op doordat ze paddenstoelen hebben gegeten, blijkt uit gegevens van 2022 van het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (NVIC), onderdeel van het UMC Utrecht. Dat lijkt misschien mee te vallen, maar uit dezelfde cijfers blijkt dat er sinds 2019 vier mensen aan zijn overleden.
“Het werkelijke aantal vergiftigingen ligt waarschijnlijk hoger, want niet alle gevallen worden bij ons gemeld”, waarschuwde Henneke Mulder-Spijkerboer eerder al. Spijkerboer is wetenschappelijk-literatuuronderzoeker van het NVIC.

Het advies van deskundigen is kortom: bewonder ze, fotografeer ze, laat kabouter Spillebeen erop wippen, maar laat ze verder vooral lekker in het bos staan.

De correcte spelling is “paddenstoelen” en niet “paddestoelen” vanwege de etymologische oorsprong van het woord.
Het woord “paddenstoelen” komt van “pad” (het dier, de pad) en “stoel”. Vroeger dacht men dat padden op paddenstoelen zaten, vandaar de combinatie van die twee woorden. De “n” in “padden” is een meervoudsvorm van “pad” (zoals in “padden”).
In het Nederlands geldt de regel dat de verbindingsklank in samenstellingen meestal wordt afgeleid van het meervoud van het eerste deel van het woord. Het meervoud van “pad” is “padden”, dus krijgen we “paddenstoelen”.
“Paddestoelen” zonder de “n” zou incorrect zijn, omdat het meervoud van “pad” niet “padde” is, maar “padden”.

Huifkartocht meer dan geslaagd

In het kader van ons 10-jarig bestaan heeft de wandelgroep op zaterdag 21 september 2024 een prachtige ochtend met een huifkartocht gemaakt. Dit vond plaats bij Stalhouderij Wouter Hazeleger in Otterlo.

Met een kleine eigen bijdrage hebben wij dit kunnen organiseren uit onze lief&leed-pot. Voor deze activiteit hadden zich 30 personen aangemeld. Helaas door ziekte en verslapen gingen er uiteindelijk 28 mee.
De dag begon om 9.00 uur bij Het Kristal en vandaar uit werd de reis naar Otterlo met eigen auto’s begonnen. Tegen 9.45 uur waren ter plekke en werden om 10.00 uur binnen ontvangen met koffie en appelgebak. Lekker even genieten en samen een praatje maken. Na afloop konden we buiten in een beginnend zonnetje wachten op de komst van de twee huifkarren. Even kijken naar de prachtig paarden met wagens en werd iedereen verzocht in te stappen en plaats te nemen.
De rit ging van de stalhouderij richting het dorp Otterlo en het bosgebied ten zuiden van Otterlo. Onderweg een paar hekken open en weer dicht doen, maar dat was geen probleem voor de wandelaars. Twee keer was er enig oponthoud vanwege tuigwerk dat bijgesteld moest worden. Ook paarden hebben soms minder zin en ook een eigen wil.

De tocht duurde ongeveer 1,5 uur en bij terugkomst op de stalhouderij konden we even kijken hoe de paarden werden uitgespannen en in de stal kijken. Daarna was het tijd om lekker buiten te genieten van een goed gevulde soep en stokbrood met kruidenboter. De soep smaakt heel goed en verschillende deelnemers gingen meerdere keren achter de soep aan. Zeer geslaagd en we hadden ook wel trek gekregen zonder te wandelen.

Vele handen maken licht werk en werd er samen voor gezorgd dat alles weer netjes opgeruimd werd. Daarna was het weer tijd om richting Apeldoorn en Het Kristal te rijden. Tegen 13.45 uur was iedereen weer terug en wij kunnen terugkijken op een meer dan geslaagde activiteit van onze wandelgroep!
Mede mogelijk gemaakt door onze lief&leed-pot en een extra bijdrage van de deelnemers.

Onze dank gaat zeker uit naar Wouter en de andere medewerkers van de stalhouderij (ook naar de paarden…). Zij hebben er mede voor gezorgd dat wij een fijne activiteit op deze dag mochten beleven.

Hieronder een paar foto’s van deze dag. Meer foto’s zijn te vinden op het media-gedeelte van onze website. Ook is nu de video te vinden in het video-gedeelte op de website. Wachtwoord vergeten? Vraag het even aan via onze e-mail of de whatsapp groeps-app.

Wolven terug in Nederland

Na 150 jaar loopt er weer een groot roofdier rond. Dat zijn we niet gewend. Mensen hebben veel vragen over de wolf. Hoe komt de wolf hier? Hoeveel wolven leven er in ons land en waar zitten ze? Moeten we bang zijn voor de wolf? Kan ik nog wel veilig met mijn hond en mijn kinderen in het bos wandelen?

Op de website van Wandelen in Apeldoorn is hierover een artikel te lezen. Interessant als je vaker in het bos wandelt en meer wilt weten wat je wel of niet moet doen.

Verder lezen?

De Apeldoornse Parken

Op de website van Wandelen in Apeldoorn is een artikel verschenen over de Apeldoornse parken. Ruim 150 jaar verschil zit er tussen de oudste en de jongste parken in Apeldoorn. Apeldoorn is rijk aan parken en deze parken nodigen uit om te wandelen. 

De groene omgeving in de stad Apeldoorn wordt voor een aanzienlijk deel bepaald door de parken. De parken zijn in feite de grote groene oases in de stenen ruimte waar o.a. koelte of rust is te vinden: de airco’s van de stad die steeds belangrijker worden. Om het veranderend klimaat, waaronder droogte, de baas te blijven moe­ten bomen goed kunnen blijven groeien, want het zijn grote verdampers van water. Lees het hele artikel op de website. IVN Apeldoorn heeft via speciale ‘ommetjes’ veel aandacht voor deze parken.

Wat is het Recreatiezoneringsplan Veluwe?

De Veluwe is populair bij recreanten, ze komen er graag om van die prachtige natuur te genieten. Dat willen we graag zo houden. Wel zijn we op zoek gegaan naar een nieuwe, betere balans tussen de ruimte voor de natuur en mens. De Veluwe is een van de grootste natuurgebieden van Nederland en onderdeel van het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden: Natura 2000. Het gaat helaas niet goed met deze prachtige Gelderse natuur. Door verdroging, verzuring, vermesting en verstoring gaan bomen dood en verdwijnen planten en dieren. Daarom werken heel veel partijen samen om de Veluwse natuur weer sterk te maken. Er worden herstelprogramma’s gemaakt voor bossen, vennen en venen, heide en stuifzanden en beken.

De provincie Gelderland heeft, in samenwerking met terreineigenaren en gemeenten, een Veluwebreed Recreatiezoneringsplan gemaakt waarin de balans is gezocht tussen natuur en recreatie. Met de constructieve input van tal van bewoners, gebruikers en ondernemers op de Veluwe ligt er een plan waarin beschermen én beleven hand in hand gaan. Een eerste, maar belangrijke, stap om de komende jaren richting te geven aan het recreatief gebruik van de Veluwe.

Het plan is een eerste stap om de komende 10 jaar richting te geven aan het recreatief gebruik van de Veluwe.

De Veluwe is een prachtig natuurgebied, met haar rijke natuur en variatie aan landschappen. De Veluwe is populair bij recreanten, ze komen er graag om van die prachtige natuur te genieten. Dat willen we graag zo houden. Wel gaan we op zoek naar een nieuwe, betere balans tussen de ruimte voor de natuur en de mens.

Want de natuur op de Veluwe gaat achteruit. Een van de oorzaken is verstoring door recreatie, verkeer en evenementen. Vooral in kwetsbare delen van de Veluwe hebben planten en dieren hieronder te lijden. Zo erg zelfs dat sommige soorten van de Veluwe dreigen te verdwijnen of uit te sterven met als risico dat we de soortenrijke natuur op de Veluwe kwijtraken. U kunt de natuur helpen door de regels die er zijn te respecteren. Maar er is meer nodig.

Kwetsbaar
Op de meest kwetsbare plekken gaan we planten en dieren beschermen door ze meer rust te bieden. Waar nodig verleggen we paden en routes. Op andere plekken gaan we de recreatiemogelijkheden juist verbeteren. Beiden zorgen ervoor dat we van de Veluwse natuur kunnen blijven genieten. Er is veel te zien en te beleven, en dat willen we graag zo houden!


Zo staat het te lezen op verschillende websites die hierbij betrokken zijn. 

Te veel op te weinig ruimte

Nederland is een klein landje, met veel inwoners en weinig groen. We duiken met z’n allen graag de natuur in om even aan de dagelijkse beslommeringen te ontsnappen. Deze toestroom is sinds de coronapandemie alleen nog maar toegenomen.

Het gevolg is dat de toenemende drukte een zware wissel trekt op natuurgebieden. Boswachters signaleren dat elk wildpaadje wordt belopen of bereden. Als er eenmaal een paar voetstappen staan of er ligt een bandenspoor, zien veel wandelaars en fietsers dat als een uitnodiging er ook overheen te gaan. 

Planten en dieren hebben hier onder te lijden. Broedgevallen mislukken bijvoorbeeld en het leefgebied van beesten wordt kleiner omdat ze vaker verstoord worden. Daarnaast zorgt ook zwerfafval voor schade: dieren zien het aan voor voedsel, met alle gevolgen van dien.

Evenwicht herstellen

Door recreatie in goede banen te leiden, kan het evenwicht worden hersteld. Zones voor verschillende vormen van gebruik: zones waar wandelaars, fietsers en ruiters ten volle kunnen blijven genieten en de natuur niet onbedoeld verstoren. Zo blijft het mogelijk oog in oog te staan met een wild zwijn of edelhert en door oerbos en stuifzand te fietsen of wandelen. Daar waar de natuur meer bescherming nodig heeft, zijn of komen stiltegebieden. Daarnaast wordt gewerkt aan een goed bereikbare Veluwe, met herkenbare ingangen, aantrekkelijke ontvangstlocaties en goede informatievoorzieningen. Bezoekers kunnen gemakkelijk informatie vinden over wat wel en niet kan.