Succesvolle viering 12,5 jarig bestaan

Op vrijdag 18 september 2026 hebben wij, met de meeste wandelaars van onze groep, ons 12,5 jarig jubileum gevierd. Een mooie ochtend met een prima verlopen programma. Met een fotomoment, een wandeling en een lunch werd de jubileumochtend besloten.

Iedereen hartelijk bedankt voor de wijze waarop we samen ons 12,5-jarig jubileum hebben kunnen vieren. Een dag die mede door het mooie weer, niet beter had kunnen verlopen. De verzorging van onze lunch door MixCatering was prima geregeld, op tijd gebracht en er was voor iedereen keuze genoeg. We hebben vooraf onze foto bij de poema kunnen maken en zoals gewend op de vrijdag, een stukje gewandeld.

Vele handen maken licht werk en aan het einde van onze ochtend was alles weer zo opgeruimd en precies om 13.30 uur werd het materiaal van de cateraar weer opgehaald en de vaatwasmachine draaide alweer voor het glaswerk.

Voordat iedereen weer naar huis ging, werden zij bedankt voor hun aanwezigheid in de vorm van een balpen, met inscriptie en een bedankkaartje. Aan de balpen zit aan de achterzijde een zogenoemde stylus-dop waarmee het makkelijker is om op je smartphone of tablet te typen.

Tijdens ochtend werd onze kennis van aardrijkskunde van Nederland en onze hersens gepijnigd om antwoorden bij cryptische omschrijvingen van plaatsnamen. Dat viel niet mee, ja al zo lang geleden dat we op school hebben gezeten! En wij maar denken dat die senioren zo van puzzelen houden…

Meer foto’s van deze dag staan voor de wandelaars van onze groep op het afgeschermde gedeelte ‘media’ op onze website.

Meer natuur herkennen? 

Deze gratis apps vertellen u meteen welke dieren en planten u ziet of hoort

In de natuur is altijd van alles te ontdekken. Van vogels en vlinders tot bomen, bloemen, paddenstoelen en andere dieren. Maar weet u ook precies wat u tijdens een wandeling, in de tuin of op vakantie tegenkomt? Tegenwoordig zijn er verschillende gratis apps die u daarbij kunnen helpen. Door een foto te maken of een geluid op te nemen, krijgt u vaak direct te zien om welke soort het mogelijk gaat. Leuk voor wie nieuwsgierig is naar de natuur en een handige manier om meer te leren over de soorten die u tegenkomt. Deze apps zijn het proberen waard.

Met de app ObsIdentify kunt u allerlei soorten uit de natuur identificeren. Denk aan planten, bomen, bloemen, paddenstoelen, insecten, vogels en andere dieren. U maakt een foto of kiest er een uit uw galerij. Vervolgens geeft de app verschillende suggesties, waarbij in percentages wordt aangegeven hoe waarschijnlijk het is dat de herkenning klopt.

U krijgt daarnaast meer informatie over de gevonden soort. Waarnemingen kunt u bewaren en doorgeven aan waarneming.nl. Zo kunt u niet alleen uw eigen natuurontdekkingen bijhouden, maar ook bijdragen aan het verzamelen van informatie over de Nederlandse natuur. Zeker de moeite waard om te doen en kijk eens op genoemde website.

Zelf ben ik enthousiast over deze app deze is eenvoudig te leren gebruiken. Soms een foto uit een andere hoek of uitsnede van foto helpt je daarbij.

Ook iNaturalist is een handige app voor iedereen die meer over de natuur wil weten. Maak een foto van een dier, plant, paddenstoel of ander organisme en de app doet suggesties voor de mogelijke soort.

De locatie speelt daarbij een rol, waardoor de app rekening kan houden met soorten die op die plek voorkomen. Andere gebruikers kunnen vervolgens helpen om een waarneming te controleren. Uw waarnemingen worden bovendien bijgehouden, zodat u later kunt terugkijken wat u allemaal heeft ontdekt.

Wie tijdens een wandeling vooral vogels wil herkennen, kan terecht bij Merlin Bird ID. De app van Cornell University kan vogels herkennen aan de hand van een foto én van hun geluid. Open de app wanneer u vogelgeluiden hoort en laat de geluidsherkenning bepalen welke soorten er mogelijk in de omgeving zitten. Leuk om een tijdje de geluiden te laten opnemen en direct te herkennen welke vogels je in de buurt hoort.

Gebruik deze ook eens tijdens uw vakantie en direct te horen welke vogels er in uw omgeving te horen zijn. Werkt prima, uit eigen ervaring.

Heeft u geen vogel kunnen fotograferen, maar wel een foto van een vogel? Dan kunt u die in de app laten analyseren. Merlin is wereldwijd te gebruiken en heeft ook een offline modus. De vogels die u herkent, kunt u aan een persoonlijke collectie toevoegen.

Wilt u vooral ontdekken welke vogels u hoort, dan is BirdNET een andere mogelijkheid. De app analyseert een geluidsopname en probeert vervolgens vast te stellen welke vogelsoort(en) het geluid maken.

BirdNET is ontwikkeld door onderzoekers van de TU Chemnitz en het Cornell Lab of Ornithology. De app kan duizenden vogelgeluiden herkennen in Europa en Noord-Amerika. U kunt ook bekijken welke vogels in een bepaald gebied voorkomen.

De Vogelbescherming biedt verschillende hulpmiddelen voor vogelliefhebbers. Via de web-app Mijnvogelvinder.nl kunt u ontdekken welke vogelsoorten u mogelijk tegenkomt en waar u op moet letten.

De web-app helpt u bij het herkennen door vragen te stellen over bijvoorbeeld de grootte en kleur van een vogel. Ook kunt u een foto gebruiken. Verder is er een vogelgids met ruim 300 soorten en hun geluiden. Waarnemingen kunt u eveneens opslaan.

Ook met Google Lens kunt u veel uit de natuur herkennen. Maak een foto van bijvoorbeeld een bloem, boom, insect, vogel of ander dier en laat Google zoeken naar overeenkomsten en informatie.

Google Lens maakt deel uit van de Google-app. Voor Apple kunt u de Google-app gebruiken. Voor Android is er ook een Google Lens-app.

Niet elke herkenningsapp werkt zonder internetverbinding. Bent u op een plek met weinig of geen bereik, maak dan alvast foto’s van wat u tegenkomt. U kunt die op een later moment alsnog in een app bekijken en proberen te achterhalen welke plant, paddenstoel of welk dier u heeft gezien.

Let wel: de herkenning van dit soort apps is niet altijd foutloos. Gebruik de uitkomst daarom vooral als hulpmiddel en controleer bij twijfel de informatie over de soort. Juist dat verder uitzoeken kan een wandeling in de natuur extra leuk maken.

Wandelstabiliteit op oudere leeftijd

Een goede wandelstabiliteit is belangrijk om ook op oudere leeftijd zelfstandig en met vertrouwen te kunnen blijven bewegen. Naarmate we ouder worden, kunnen spierkracht, evenwicht en coördinatie afnemen. Daardoor kan lopen minder stabiel aanvoelen en neemt het risico op struikelen of vallen toe. Gelukkig kan regelmatig bewegen helpen om deze vaardigheden zo goed mogelijk te behouden.

Balansoefeningen en wandelen zijn daarbij een waardevolle combinatie. Door het lichaam regelmatig uit te dagen en actief te blijven, worden spieren en coördinatie getraind. Dit kan bijdragen aan een betere houding, meer controle tijdens het lopen en meer vertrouwen in dagelijkse bewegingen.

Bij stabiel lopen werken verschillende onderdelen van het lichaam samen. De spieren in de benen en romp zorgen voor kracht en ondersteuning, terwijl het evenwichtsgevoel en de coördinatie helpen om het lichaam in balans te houden. Wanneer deze functies minder sterk worden, kan het moeilijker worden om snel te reageren op bijvoorbeeld een oneffen stoeptegel of een onverwachte beweging.

Ook bij slijtage aan de heup of knie, of bij rugklachten, blijft bewegen vaak belangrijk. Wel is het verstandig om oefeningen en wandelactiviteiten aan te passen aan wat het lichaam aankan. Door op een rustig tempo te bewegen en de belasting geleidelijk op te bouwen, kunnen spierkracht en stabiliteit worden ondersteund zonder onnodige overbelasting. Bij aanhoudende of toenemende klachten is het verstandig om advies te vragen aan een fysiotherapeut of andere zorgprofessional.

Regelmatige balansoefeningen kunnen helpen om het lichaam beter te leren reageren op veranderingen in houding en beweging. Ook oefeningen waarbij de beenspieren worden gebruikt, kunnen bijdragen aan meer stabiliteit tijdens het lopen.

Wandelen is een eenvoudige en toegankelijke manier om actief te blijven. Tijdens het wandelen worden verschillende spiergroepen gebruikt en wordt het lichaam regelmatig uitgedaagd om in balans te blijven. Bovendien kan wandelen gemakkelijk worden aangepast aan het eigen niveau en de conditie.

Een dagelijkse wandeling hoeft niet lang of zwaar te zijn. Ook meerdere korte wandelmomenten verspreid over de dag kunnen een goede manier zijn om in beweging te blijven. Regelmaat is daarbij belangrijker dan intensiteit: door vaak te bewegen blijft het lichaam gewend aan activiteit.

Naast wandelen kunnen gerichte balansoefeningen helpen om de stabiliteit verder te verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan oefeningen waarbij het gewicht van het ene naar het andere been wordt verplaatst, waarbij op één been wordt gestaan of waarbij gecontroleerd wordt opgestaan en weer gaat zitten.

De oefeningen kunnen rustig worden opgebouwd en aangepast aan wat iemand veilig en comfortabel kan uitvoeren. Zeker bij onzekerheid over het evenwicht is het verstandig om te oefenen in een veilige omgeving, bijvoorbeeld met een stevige stoel of tafel in de buurt voor ondersteuning.

Actief blijven hoeft niet ingewikkeld te zijn. Door wandelen en eenvoudige balansoefeningen regelmatig onderdeel te maken van de dagelijkse routine, kunnen spierkracht, coördinatie en stabiliteit worden onderhouden. Dit kan helpen om met meer vertrouwen te blijven bewegen en het risico op vallen te verkleinen.

De oefeningen die bij dit artikel horen, bieden een praktische aanvulling op wandelen en andere dagelijkse activiteiten. Door ze regelmatig en op een passend niveau uit te voeren, wordt gewerkt aan een betere basis voor stabiel en veilig bewegen.

Oefeningen voor wandelstabiliteit

Wil je deze oefeningen liever geprint hebben als hulpmiddel tijdens het oefenen, laat het ons weten en wij zullen er voor zorgen,

Naast het verbeteren van je stabiliteit, zijn er een aantal andere dingen die je kunt doen om je valrisico te beperken.

Door de juiste kleding en schoenen te dragen, kun je voorkomen dat je struikelt. Draag een korte of nauwsluitende broek en overweeg om ondersteunende schoenen te dragen met zolen die niet te veel uitsteken.

Om te voorkomen dat je thuis struikelt, verwijder je vloerkleden of bevestig je ze met dubbelzijdig plakband, zodat ze niet verschuiven. Je kunt ook nachtlampen installeren voor als je ’s nachts moet opstaan om naar de wc te gaan.

Plaats stevige handgrepen bij het tollet, het bad en in de douche. Antislipmatten of zelfklevende strips voor in de douche of het bad kunnen ook helpen.

Meer informatie? Lees de volgende berichten op onze website.

Fiets op slot in tuin niet verzekerd

Een fiets die op slot staat met een goedgekeurd slot is niet gedekt op de inboedelverzekering als deze fiets wordt gestolen uit de tuin, ook niet als de tuin moeilijk bereikbaar is voor dieven. De verzekeraar hoeft de schade daarom niet te vergoeden.

Dat blijkt uit een bindende uitspraak van de Geschillencommissie van het Kifid. In deze zaak zijn bij een verzekerde twee racefietsen en een e-step gestolen uit de achtertuin. De fietsen en de step stonden op slot met een ART3-slot. De verzekerde claimde de diefstal op de inboedelverzekering, maar deze weigerde uit te betalen. De verzekerde stapte daarop naar het Kifid, maar daar kreeg hij nul op het rekest.

De Geschillencommissie vond de polisvoorwaarden niet onredelijk. In deze voorwaarden staat dat fietsen bij diefstal enkel zijn verzekerd als deze uit de woning of een ander gebouw zijn gestolen en er braaksporen aanwezig zijn. Diefstal uit de tuin is dus niet gedekt. In theorie kunnen verzekeringsvoorwaarden door bijzondere omstandigheden onaanvaardbaar zijn. Zo liep er in dit geval achter de tuin een sloot, waardoor de tuin moeilijk bereikbaar was. Bovendien stonden de fietsen op slot. De Geschillencommissie vond die omstandigheid niet bijzonder genoeg, want de dieven konden over het tuinhek de tuin binnendringen. Ook de getroffen voorzorgsmaatregelen om de fietsen en de step op slot te zetten, waren niet voldoende om te spreken van bijzondere omstandigheden. De verzekeraar hoeft de schade daarom niet te vergoeden.

Controleer zelf de voorwaarden
Controleer daarom of de verzekeraar diefstal van inboedel uit de tuin heeft uitgesloten van dekking in de voorwaarden. Aangezien de fietsen in de tuin van de consument stonden op het moment dat deze gestolen werden, is deze schade uitgesloten van dekking onder de inboedelverzekering.

Voor een antwoord op de vraag of een fietsverzekering nuttig is, had de Consumentenbond zelfs een filmpje op zijn website geplaatst. Kennelijk worstelen veel mensen met de vraag. In dat filmpje zei medewerker Marc Drabbe dat een fietsverzekering nuttig is als je een ‘hele dure fiets’ hebt gekocht. ‘Als je van je laatste centen een fiets hebt gekocht en hij wordt gestolen, is het prettig als je een nieuwe krijgt. Maar een fietsverzekering is minder zinvol is als je een goedkopere fiets hebt of een fiets die je toch altijd in de schuur zet.’

Twee vragen
Het gaat dus om twee vragen: Hoe groot is het risico dat je fiets wordt gestolen? En: kun je zelf de schade opvangen als het gebeurt? Een gouden regel bij verzekeringen is dat je risico’s die je zelf kunt betalen niet hoeft te verzekeren. Dus wel een ziektekostenverzekering of een WA-verzekering, maar misschien geen fietsverzekering. De Consumentenbond schrijft in zijn Geldgids: ‘De meeste mensen verzekeren hun fiets niet, en gelijk hebben ze. U kunt het geld voor de premie ook op een spaarrekening zetten. Als er niets met uw fiets gebeurt, bent u ook geen geld kwijt. Sterker nog, uw spaartegoed neemt dankzij de rente juist toe.’
Dat van de toenemende spaartegoeden was vroeger, toen er nog serieuze spaarrente was, maar in grote lijnen is dit nog steeds voor veel mensen een goede overweging.

Dynamische twintiger
De premies van fietsverzekeringen zijn namelijk hoog: in een stad als Amsterdam ben je voor drie jaar diefstaldekking voor een fiets van 750 euro ongeveer 180 euro premie kwijt en in de provincie 90 euro. Tot voor kort waren de premies voor de e-bikes vrij schappelijk, in verhouding tot de hoge aanschafkosten, maar de kans bestaat dat dat volgend jaar anders is, gezien de toenemende diefstal van e-bikes.
Daarnaast zul je een inschatting moeten maken van je persoonlijke fietsdiefstalrisico. Als je een rustig leven in de provincie leidt en je fiets thuis in de schuur kunt zetten, loop je minder risico dan de dynamische twintiger in de grote stad met vele bezoeken aan binnenstad, sportveld en station.
Veel fietsverzekeringen bieden de mogelijkheid de fiets tevens tegen schade te verzekeren. Ook hier is het belangrijk de vraag te beantwoorden hoeveel kans je op schade loopt.

Originele sleutels
Wie voor een fietsverzekering kiest, moet wel opletten dat hij de twee originele sleutels van het slot kan overhandigen, want dat is altijd een van de voorwaarden van de verzekeringsmaatschappij om de fiets te vergoeden in geval van diefstal. Als je er een kwijt raakt, moet je een nieuwe bij de sleutelfabrikant laten maken met een officieel nummer en dat nummer doorgeven aan de verzekeringsmaatschappij.
Verder is het nog handig om bij de keuze van een fietsverzekering erop te letten of je geld krijgt of een nieuwe fiets kunt uitzoeken als je fiets gestolen wordt. In dat laatste geval ben je vaak gebonden aan de rijwielhandelaar waar je de oorspronkelijke fiets hebt gekocht. Vervelend als je verhuist bent of slechte ervaringen met de betreffende fietsenmaker hebt.
Kortom, een fietsverzekering is een persoonlijke afweging, maar denk er in de euforie van de aankoop van een nieuwe fiets wel even serieus over na. Je kunt voor het geld van de premie ook een goed extra slot kopen.

Bronnen: o.a Plusonline; Kifid; Fietsersbond









Samen wandelen houdt senioren vitaal én verbonden

Steeds meer senioren ontdekken de voordelen van samen wandelen. Door heel Nederland groeit het aantal wandelgroepen en beweeginitiatieven voor ouderen. Niet alleen de gezondheid profiteert daarvan, ook het sociale contact speelt een belangrijke rol.

Tijdens de Nationale Beweegweek stond daarom opnieuw het thema “samen bewegen” centraal. Wandelgroepen voor 55-plussers, begeleide buurtwandelingen en speciale wandelprogramma’s voor mensen met diabetes of een verhoogd gezondheidsrisico trekken steeds meer deelnemers. Volgens seniorenorganisatie ANBO-PCOB hoeft bewegen helemaal niet zwaar of sportief te zijn om gezondheidswinst op te leveren. Regelmatig wandelen helpt al om fitter en mobieler te blijven.

Uit recent onderzoek van het Mulier Instituut, te lezen in de Zorgkrant, blijkt dat ouderen tegenwoordig vaker sporten, fietsen en wandelen dan twintig jaar geleden. Vooral mensen tussen de 65 en 79 jaar voldoen steeds vaker aan de beweegrichtlijnen.

Toch blijft extra aandacht nodig voor 80-plussers en ouderen met chronische aandoeningen. Daarom richten gemeenten en organisaties zich steeds meer op toegankelijk beweegaanbod, goede begeleiding en valpreventie.

Ook technologische hulpmiddelen spelen een grotere rol. Slimme rollators, valdetectie en ergonomische loophulpen moeten ouderen helpen om veilig actief te blijven. Daarnaast onderzoeken organisaties nieuwe mogelijkheden, zoals virtuele natuurervaringen voor minder mobiele senioren.

Ook in Apeldoorn groeit de aandacht voor vitaal ouder worden. De gemeente zet in het gezondheidsplan 2023–2026 extra in op bewegen en preventie voor ouderen. Tijdens de Nationale Beweegweek organiseerden verschillende Apeldoornse organisaties activiteiten rond wandelen, balans en zelfstandig wonen.
Dat moet en vraagt om een vervolg onder de nieuwe coalitie in Apeldoorn.

Op 4 juni organiseert Sportservice Apeldoorn opnieuw een Vitaliteitsdag voor 55-plussers. Bezoekers kunnen daar hun conditie en balans testen en kennismaken met wandel- en beweeggroepen uit de regio.

Ook de website Wandelen in Apeldoorn draagt bij aan het vergroten van de aandacht voor wandelen in het algemeen. Op die website veel aandacht voor het wandelen in zijn algemeenheid, zoals de verschillende wandelgroepen, -evenementen en wandelroutes in onze omgeving. Daarnaast ook berichten over verschillende onderwerpen die met wandelen te maken hebben.

De groeiende belangstelling laat zien dat wandelen voor veel senioren meer is geworden dan alleen beweging: het is ook een manier om elkaar te ontmoeten, actief te blijven en langer zelfstandig te wonen.

De Wandelgroep Het Kristal doet dit al ruim 12 jaar vanuit Het Kristal, maar wordt vaak niet meegenomen omdat het gebouw geen ontmoetingsplek meer is. Jammer, omdat de wijk Zuidbroek steeds groter wordt en eigenlijk behoefte heeft aan een ontmoetingsplek.

Maar er zijn ook voor ons uitdagingen. We kunnen dit alleen blijven doen als we over genoeg wandelbegeleiders kunnen beschikken. Ook vrijwilligers voor onze koffie/theediensten na het wandelen zijn belangrijk. We willen toch zo lang mogelijk doorgaan met onze drie groepen wandelaars en onze sociale functie naast het wandelen. Dit kan alleen als er meer mensen zijn die de kar een keer in de week willen trekken.

Hulpmiddelen of ergotherapie?

Het vinden van de juiste hulpmiddelen voor ouderen kan een uitdaging zijn. Of u nu op zoek bent naar hulpmiddelen voor ouderen in huis, in bed, of in de badkamer, u heeft informatie nodig om langer veilig en comfortabel thuis te blijven wonen.

Naarmate we ouder worden, kan het uitvoeren van dagelijkse taken steeds uitdagender worden. Gelukkig zijn er tal van hulpmiddelen beschikbaar die speciaal ontworpen zijn om het leven thuis comfortabeler, veiliger en eenvoudiger te maken.

Of u nu op zoek bent naar hulpmiddelen die de veiligheid in uw huis verbeteren, zoals antislipmatten of noodalarmen, of naar producten die uw mobiliteit vergroten, zoals trapliften of rollators, u vindt hier de informatie die u nodig heeft om weloverwogen keuzes te maken. Deze hulpmiddelen helpen niet alleen bij het aanpassen van uw huis aan veranderende behoeften, maar dragen ook bij aan het behouden van uw zelfstandigheid en kwaliteit van leven. Ontdek praktische oplossingen voor uw woning, zorg, hulpmiddelen en vergoedingen. Duidelijk uitgelegd, stap voor stap, zodat u weet wat bij uw situatie past.

Daarnaast besteden zij aandacht aan het comfort in uw huis, met artikelen over handige keukenhulpmiddelen, ergonomische meubels en slimme technologieën die uw dagelijks leven aangenamer maken. Zij bieden praktische tips, uitgebreide keuzehulpen en deskundig advies, zodat u precies weet welke hulpmiddelen het beste bij uw situatie passen.

Zelf eens kijken wat er allemaal mogelijk is, kijk dan eens op de website van HalloVitaal of bijvoorbeeld direct bij de fabrikant Drive Devilbiss. Zij staat bekend om hun strenge kwaliteitscontroles en betrouwbaarheid. Elk product wordt grondig getest om te voldoen aan internationale veiligheidsnormen, zodat u verzekerd bent van een veilige en betrouwbare oplossing voor uw zorgbehoeften..

Een ergotherapeut helpt mensen die – door lichamelijke of psychische beperkingen – problemen hebben bij het uitvoeren van hun dagelijkse handelingen. De ergotherapeut kijkt samen wat de cliënt belangrijk vindt en zoekt naar mogelijkheden en aanpassingen. Vervolgens wordt samen met de cliënt een plan op maat opgesteld. De ergotherapeut adviseert, traint, coacht en geeft voorlichting om de praktische belemmeringen zoveel mogelijk te verminderen. De behandeling kan plaatsvinden op de ergotherapiepraktijk of op een plek waar de problemen zich voordoen, bijvoorbeeld thuis of op het werk, school of in de sportclub.

De ergotherapeut is er voor iedereen: kinderen, volwassenen en ouderen. Daarnaast kan een ergotherapeut ook mantelzorgers voorlichten over hoe zij op een duurzame manier voor hun naasten én zichzelf kunnen zorgen. Indien nodig werkt een ergotherapeut samen met andere zorgverleners, zoals de (huis)arts, thuiszorg, fysiotherapeut, etc.

Als je moeite hebt met het uitvoeren van jouw dagelijkse handelingen, dan kun je een ergotherapeut inschakelen. Dit kan gaan om het huishouden, jouw persoonlijke verzorging maar ook het uitvoeren van jouw werk, studie of hobby’s.
Ergotherapie is gericht op het bevorderen of herstellen van zelfredzaamheid. De ergotherapeut leert je hoe je een activiteit anders uit kunt voeren óf een hulpmiddel kunt gebruiken zodat je zoveel mogelijk activiteiten weer (zelf) kunt uitvoeren.
Het werkveld van een ergotherapeut is heel breed. Werkgebieden van een ergotherapeut zijn onder anderen:

  • Zelfzorg en zelfredzaamheid (wassen, aankleden, eten en maaltijdbereiding)
  • Revalidatie (thuis)
  • Woning- en/of werkplekaanpassing
  • Valpreventie
  • Dementie
  • Ziekte van Parkinson
  • Gebruik van hulpmiddelen en training met scootmobiel, rolstoel of rollator
  • Omgaan met beperkingen en vermoeidheid/energiemanagement
  • Aandacht en geheugen
  • Uitvoeren van hobby of sport
  • Lichamelijke en mentale werkbelasting
  • Advies over en aanvraag van hulpmiddelen

Wordt ergotherapie vergoed?
Er zijn verschillende mogelijkheden voor financiering van ergotherapie. De meest voorkomende financieringsvorm is vergoeding vanuit de zorgverzekering.

Zorgverzekering
Ergotherapie die bedoeld is om de zelfzorg en de zelfredzaamheid te bevorderen en te herstellen wordt vergoed door de zorgverzekeraar. Iedereen heeft vanuit de basisverzekering recht op 10 uur per kalenderjaar ergotherapiebehandeling. Dit gaat wel ten koste van jouw eigen risico (behalve voor kinderen tot 18 jaar).
Vanuit een aanvullend pakket worden soms nog extra uren vergoed. Vergoedingen uit een aanvullend pakket gaan niet ten koste van het eigen risico.
Een verwijsbrief voor ergotherapie is (voor de meeste zorgverzekeraars) niet nodig. Raadpleeg altijd even de polisvoorwaarden van jouw verzekering.
Op zoek naar een ergotherapeut bij jou in de buurt, kijk dan op deze website.

Alternatieve financieringsvormen
In sommige gevallen bestaat de mogelijkheid tot financiering door de gemeente, onderwijsinstelling of vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz). Heb jij of jouw kind van de gemeente of onderwijsinstelling een individuele voorziening gekregen voor thuis of voor op school? En is het nodig dat deze wordt aangemeten door een ergotherapeut of is er instructie over het gebruik van dat hulpmiddel nodig? Dan wordt dit door de betreffende gemeente/onderwijsinstelling vergoed. Ergotherapie wordt vanuit de Wlz betaald wanneer de behandeling onderdeel uitmaakt van een integrale Wlz behandeling.

Soms kunnen hulpmiddelen tijdelijk worden gehuurd, overleg met uw zorgverzekering en kijk bijvoorbeeld bij Medipoint.

Eerste telefoongesprek in 1876

Dit jaar is het 150 jaar geleden dat in Amerika het eerste telefoongesprek werd gevoerd. Maar de telefoon werd in 1860 al uitgevonden. De geschiedenis van de telefoon begint bij de Duitse Johann Phillip Reiss. In 1860 ontdekt hij de telefoon. Hij overlijdt echter al op veertigjarige leeftijd. De Italiaan Antoni Meucci vindt de telefoon daarna opnieuw uit. Wegens geldgebrek kan hij in 1871 geen patent aanvragen. De Schots-Amerikaanse uitvinder Alexander Graham Bell verbetert de uitvinding. In 1876 gaat hij er met het patent, en de roem, vandoor.

Het eerste telefoongesprek vindt in Boston plaats. Op Op 10 maart 1876 – kort nadat Alexander Graham Bell het patent op de telefoon in handen kreeg – werd het eerste telefoongesprek gevoerd. Bell sprak met zijn assistent Thomas Watson, en vroeg hem: ‘Mr. Watson, come here. I want to see you’. Reis bedacht het woord ‘telefoon’, maar Bell wist met zijn vastgelegde patent de technologie te verspreiden. Een jaar later richt hij de Bell Telephone Company op. Dit is de basis voor het moderne telefoniesysteem. Volgens sommigen hebben we het woord bellen aan zijn naam te danken. Waarschijnlijker is dat het woord is afgeleid van de telefoonbel: het geluid van de telefoon als die overgaat.

Voordat de telefoon er kwam, was het al mogelijk om gecodeerde berichten over lange afstanden door te seinen via een telegraaf. Bellen zoals we dat nu kennen was nog niet mogelijk, al hing de uitvinding van de telefoon in de lucht. Meerdere mensen waren met de techniek bezig. Aan het begin van 1876 was tussen uitvinders zelfs een heuse strijd om het patent gaande.

Wie is de échte uitvinder?
Bell was concurrent Elisha Gray slechts een paar uur voor met het indienen van zijn patent. Maar zelfs na 150 jaar wordt nog betwist wie de telefoon nu écht heeft uitgevonden. De Schot zou er namelijk een handje van hebben gehad ideeën van anderen te gebruiken voor zijn eigen uitvinding.
Hij voerde daarover in de loop der jaren honderden rechtszaken, die hij allemaal won. Concurrent Gray was een van degenen die naar de rechter waren gestapt. Hij vond dat het ontwerp van Bell wel héél erg leek op dat van hem.

Ook de Italiaan Antonio Meucci wordt veel genoemd als de échte uitvinder van de telefoon. Hij zou in 1860 al een demonstratie hebben gegeven van zijn ’teletrofono’. Maar door financiële problemen lukte het hem niet zijn uitvinding in een patent vast te leggen. Bell, die toegang had tot het lab en materialen van Meucci, zou daarvan hebben geprofiteerd.
Meucci kreeg in 2002 overigens alsnog erkenning voor zijn werk in het Amerikaanse Congres. Al blijft het patent van Bell staan. Niemand zal ooit weten of de telefoon ook zo’n succes zou zijn geworden als Meucci het patent had verkregen.

Op 1 juni 1881 opent de Nederlandsche Bell-Telephoon Maatschappij (NBTM) in Amsterdam het eerste telefoonnet van Nederland. Dat is op de zolder van Sociëteit de Groote Club op de Dam. Telefoniste mejuffrouw M. Scholten voert het eerste telefoongesprek met de woorden: ‘Ik verbind u door’. Er zijn 49 aansluitingen. Minstens honderd bedrijven en personen staan op de wachtlijst. Telefoonnummers hebben twee of drie cijfers.

De eerste telefoontoestellen zijn vrij groot en van hout. Meestal hangen ze aan de wand. Het toestel heeft een slinger. Door eraan te draaien, gaat de bel over bij de telefoniste van de telefooncentrale. De beller zegt met wie hij wil spreken en de telefoniste maakt handmatig de verbinding. Op een schakelpaneel steekt ze een kabel met stekker in de aansluiting van de persoon die de beller wil spreken.

In deze periode worden telefoons van (plaat)staal gemaakt. In 1925 wordt in Haarlem de eerste automatische telefooncentrale van Nederland in gebruik genomen. Voortaan kunnen bellers met een kiesschijf zelf een verbinding maken. In 1928 krijgt het Rijk het alleenrecht op het aanleggen van huistelefooninstallaties. Het is het ontstaan van de PTT: het Staatbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie. Vanaf de jaren dertig verschijnen telefoons van bakeliet. Het is een nieuw materiaal dat makkelijk in veel vormen is te persen.

1931: eerste telefooncel op straat
Het Amsterdamse Valeriusplein krijgt in 1931 de eerste telefooncel. Het is een automatisch munttoestel op straat waar je lokaal mee kunt bellen. Deze telefooncel lijkt een beetje op de bekende Engelse rode telefooncel maar dan in de kleur beige. In 1932 ontwerpt Leendert van der Vlugt de standaard grijze telefooncel: de Rijkstelefooncel. Dit model zal ruim 50 jaar deel uitmaken van het straatbeeld.

Na de Tweede Wereldoorlog begint het tijdperk van de standaardisatie van telefonie. Er is een enorme vraag naar telefoonaansluitingen en -toestellen. De wachttijden lopen op tot driekwart jaar. Om de belasting van het telefoonnetwerk binnen de perken te houden, wordt de abonnee dringend verzocht de gesprekken kort te houden!

Rond 1960 verschijnen de eerste plastic telefoons. De PTT introduceert de T65. De T staat voor tafeltoestel, 65 voor het jaar waarin het toestel op de markt kwam (1965). Voor veel mensen is dit hun eerste telefoon. In de jaren zeventig en tachtig belt zowat heel Nederland ermee. Begin jaren ’70 verhuist de telefoon van de gang naar de woonkamer. En daar hoort een fraaie kleur bij. De T65 is voortaan ook verkrijgbaar in rood, groen, blauw, wit en oranje.

Rond deze tijd worden computergestuurde centrales in gebruik genomen. In 1974 verschijnt de eerste telefoon met druktoetsen. Dat gaat sneller dan met een kiesschijf en zorgt voor minder fouten. Om te voorkomen dat mensen die erg handig zijn met een rekenmachine de toetsen te snel intoetsen, is de indeling anders dan op een rekenmachine. De telefooncentrale zou overbelast kunnen raken!

Met de komst van computerchips vanaf de jaren 80 krijgt de telefoon meer mogelijkheden. Je kunt bijvoorbeeld nummers opslaan. Of het laatstgekozen nummer herhalen door toets 1 in te drukken. In 1980 gaat autotelefonie in Nederland van start. Het eerste model is zo groot dat de zendontvanger achter in de auto wordt gemonteerd. In 1986 verschijnt de Nokia Carvox 2453 in Nederland. Dit model kun je, inclusief accu, aan een riem over je schouder dragen. In 1990 komen de eerste handzame mobiele telefoons in Nederland. De telefoon raakt los van de draad.

1989: PTT wordt KPN
Op 1 januari 1989 gaat het Staatsbedrijf der Posterijen, Telegrafie en Telefonie (PTT) verder als zelfstandige onderneming. Voortaan heet het Koninklijke PTT Nederland NV (KPN).

1992: Greenhopper (Kermit)
In 1992 lanceert PTT Telecom Greenpoint. Dit is een netwerk met 5.000 contactpunten, waar je bij onder meer postkantoren en tankstations kunt bellen. Je hebt er een speciale telefoon voor nodig: de Greenhopper. Het toestel heeft ook de naam Kermit, naar de kikker van The Muppet Show. Het is een voordelig alternatief voor het dure autotelefoonnetwerk.

1994: Gsm-netwerk
In 1994 gaat het eerste gsm-netwerk in Nederland van start. Voortaan zijn bellers altijd en overal bereikbaar. De eerste, echte mobiele gsm-telefoons waarmee PTT Telecom de markt opgaat, zijn toestellen zoals de Motorola MicroTAC. Ook wel bekend als de fliptelefoon, vanwege het klepje dat je over het toetsenbord kunt klappen.

Doordat steeds meer huishoudens een eigen telefoon in huis kregen, dreigde in 1995 het aantal telefoonnummers op te raken. Daarom werden in een landelijke omnummeringsactie alle bestaande vaste telefoonnummers vervangen door een tiencijferig telefoonnummer. Iedereen kreeg een omnummerboekje in huis om te zien wat de nieuwe nummers waren.

Dat heette Operatie Decibel, een belangrijke en ingrijpende gebeurtenis, volgens Rex Leijenaar van Autoriteit Consument en Markt (ACM). De toezichthouder beheert de nationale telefoonnummervoorraad en publiceert regelmatig de telecommonitor. Daaruit bleek dat zo’n tien jaar geleden nog ruim zeven miljoen huishoudens een vaste telefoonaansluiting hadden. Nu zijn het er nog maar 3,8 miljoen.

De Pocketline Swing van 1998 is voor velen hun eerste mobiel. Het is een robuust toestel, met een schuifklepje en uitschuifbare antenne. Het is verkrijgbaar in vrolijke kleurtjes. In 1998 zijn er 3 miljoen mobiele aansluitingen.

Op dit moment zijn er 26 miljoen mobiele aansluitingen in Nederland in gebruik en zijn er nog 6,8 miljoen mobiele nummers beschikbaar. Een nieuwe Operatie Decibel lijkt dus voorlopig niet aan de orde.

In 2007 kwam Apple met de iPhone, een ‘smartphone’ zonder toetsenbord, maar mét touchscreen. Daarmee werd de moderne smartphone zoals we die nu kennen geboren; een complete computer in zakformaat. Het was een daverend succes. In Nederland moeten we nog een jaartje wachten. Maar vanaf 2008 kan iedereen beschikken over deze mobiele computer, waarmee je óók kunt bellen. Deze smartphone zorgt voor een ware revolutie. Je gebruikt hem voor e-mail, muziek luisteren, social media, internetbankieren en nog veel meer. Je kunt hem ook koppelen aan een smartwatch die vanaf 2013 doorbreekt. In 2025 betalen mensen aan de kassa vaker met hun smartphone of smartwatch dan met hun bankpas.

Door technologische innovaties worden smartphones steeds slimmer, efficiënter, veiliger en duurzamer. Ze worden dunner en kleiner, de schermen uitklapbaar of oprolbaar en de batterijduur langer. Slimme software en kunstmatige intelligentie (AI) zorgen voor supersnel draadloos internet voor meerdere apparaten tegelijkertijd. Het aantal toepassingen blijft toenemen.

Bronnen: kpn.com; nos.nl; nu.nl; speld.nl; dutchcowboys.nl; umu.nl

Nationaal Hitteplan

Het zomerseizoen staat weer voor de deur en voorbereiden op hitte kan geen kwaad. Hoewel veel mensen genieten van de warmte, kunnen sommige mensen door hitte gezondheidsproblemen krijgen. Daarom is het belangrijk om als het heet is meer aandacht te hebben voor kwetsbare groepen. Zoals ouderen, jonge kinderen en mensen met een chronische aandoening. Daarom is onze oproep: Zorg voor elkaar bij hitte.

Van mei tot september bestaat de kans op aanhoudende hitte. In deze periode kan het RIVM het Nationaal Hitteplan activeren. Het RIVM en het KNMI houden daarvoor de weersverwachting goed in de gaten en informeren u op tijd als het Nationaal Hitteplan wordt geactiveerd.

Op de website van Wandelen in Apeldoorn is een uitgebreid artikel verschenen over het hitteplan. Toespitst op organisaties, maar ook de gewone wandelaar vindt er genoeg informatie over wandelen bij hogere temperaturen.

Als de temperatuur buiten erg hoog oploopt en het langere tijd heet is, zorg dan dat je veel drinkt, extra meet en je medicijnen koel houdt. Volg daarnaast de tips van het RIVM.
De hitteplan-adviezen zijn vrij algemeen: Drink voldoende; Houd uzelf koel; Houd uw woning koel; Zorg voor elkaar.
Op onze website is hierover een apart artikel geplaatst.