Mediteren? Alle begin is moeilijk

Misschien heb jij het idee om te beginnen met mediteren al een tijdje in je hoofd. Vol goede moed ga je zitten op een matje, in kleermakerstand, je sluit je ogen, je let op je ademhaling en je probeert aan niets te denken. Om al na anderhalve minuut wanhopig te merken dat je gedachten alle kanten opgaan en dat het allesbehalve lijkt op rust! Dat komt omdat de mens een ‘monkey-mind’ heeft: ons brein springt van de hak op de tak en is voortdurend in actie. Mediteren is dan ook niet de kunst om niets te denken. Het is de kunst om op te merken dat je gedachten afdwalen en ze dan steeds weer vol compassie terug te brengen naar je ademhaling. Dat vereist oefening, en in het begin is dat echt lastig. Verwacht dan ook niet meteen een spirituele ervaring of een gevoel van totale ontspanning. Hoe vaker je mediteert, hoe gemakkelijker het lukt om rust te bereiken.

Je hebt vast gehoord over de voordelen van mediteren voor de gezondheid. Maar hoe begin je met mediteren? En waarom is het lastiger dan je denkt?
Mediteren is een techniek om je geest tot kalmte te brengen. Door rustig te zitten en je te focussen op je adem of op een vast woord (een ‘mantra’) ontstaat er uiteindelijk een diepere staat van bewustzijn. Of, zoals Boeddhisten zeggen, verlichting. We leven in een tijd waarin de wereld in sneltreinvaart doordendert. Hierdoor vragen we vaak veel van onszelf. En ook de wereld om ons heen vraagt veel van ons. Soms is het hierdoor lastig om de balans in je leven te vinden. Je raakt een beetje gestresst en verliest misschien je focus en het plezier. Wanneer je dit gevoel hebt, is het tijd om de rust in je hoofd weer terug te vinden, zodat er ruimte is om helder na te denken, goede keuzes te maken en te genieten van het leven.

Dat lijkt misschien allemaal wat zweverig, maar meditatie is uitgebreid onderzocht in de wetenschap. Het blijkt bij te dragen tot minder stress, meer concentratie en tot meer rust. Mensen die mediteren kunnen beter ‘in het moment’ leven, zodat ze zich minder gejaagd en gefrustreerd voelen en minder afgeleid worden door hun eigen gedachtes. Ze voelen meer compassie voor zichzelf en voor de mensen om hen heen.

Wil je niet of kun je niet meer wandelen? Dan zijn er hulpmiddelen om je te helpen bij meditatie, zoals matjes en meditatiekussens. Zeer populair zijn de apps op je telefoon, zoals Calm en Headspace. Hier kun je ‘geleide meditaties’ vinden, waarbij een stem je door de meditatie leidt. Of kalme muziek die je helpt te concentreren, of simpelweg een bel die gaat luiden als je je meditatie hebt volbracht. Ook yoga is goed om bij te mediteren en kan je daar bij helpen. Verder kun je ook meditatietrainingen volgen, soms als onderdeel van een cursus mindfulness. Probeer het eens, want meditatie kan je verrassend veel rust brengen!

Bewegen is goed voor ons, meditatie is goed voor ons, dus waarom combineren we het niet? Als je de hele dag al hebt gezeten dan is zittend mediteren soms niet heel aanlokkelijk. Wandelend mediteren of mindful wandelen is een oefening die je vraagt om je bewust (mindful) te zijn van je omgeving. Wandelen kan achteloos of gehaast, maar door bewust te wandelen wordt het lopen niet alleen een fysieke activiteit, maar ook een innerlijke beschouwing.
Vrijwel elke activiteit kan een mindfulness-oefening worden. Een alledaags taakje krijgt een heel andere lading wanneer iemand eraan voorafgaand een intentie uitspreekt. Zo is het ook bij wandelen.

Iedereen wandelt weleens. Lang of kort, in de stad of in de natuur. Je kunt het wandelen zien als een goede manier om te ontvluchten aan de hectische digitale maatschappij waarin men het steeds drukker heeft. Tenminste, wanneer we bewuster wandelen. Wanneer wordt gewandeld met de intentie om volledig aanwezig te zijn in dat moment, wordt de tocht niet alleen een fysieke beleving, maar ook een innerlijke beschouwing.

Kijk eens op een van deze websites mydeptmeditationmoments; gezond aan tafel; happinez.

Publicatie: 10-02-2021; gewijzigd: 15-07-2024

Hongerklop bij een wandeling

Op de website van de KWBN is hierover een interessant artikel geplaatst. Je bent al een paar uur aan het wandelen. De eerste uren verliepen prima, maar sinds een minuut of tien voelen je benen ineens een stuk zwaarder. De kracht lijkt uit je benen te vloeien. Een paar minuten later krijg je het ene been bijna niet meer voor het andere. Je hebt last van een hongerklop. Wat kun je dan het beste doen? Het artikel geeft je tips, zodat je toch nog je eindbestemming kunt bereiken. En zij leggen uit hoe je een hongerklop kunt voorkomen.  Lees verder…..

Hongerklop is een sportterm voor de gevolgen van een glycogeentekort. Zo’n tekort komt het meest voor in langeafstandssporten. Andere uitdrukkingen waarmee dit verschijnsel wordt benoemd zijn de man met de hamer tegenkomen, tegen de muur lopen of geparkeerd staan. Door het uitputten van de voorraad glycogeen, waarvan veel nodig is bij grote inspanning, begint de sporter zich zwak te voelen en vermindert de prestatie.

Publicatie: 06-10-2019, gewijzigd: 15-07-2024

Wandelen om te wandelen

Nederlanders blijven ook na de coronapandemie veel wandelen. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) liep de gemiddelde Nederlander vorig jaar zo’n 8 kilometer per week. In 2019 was dit nog zo’n 6 kilometer.

In 2020 en 2021 gingen veel mensen als gevolg van de coronamaatregelen en de thuiswerkadviezen vaker wandelen. Hoewel er in 2023 iets minder gewandeld werd dan een jaar eerder, is het nog altijd een derde meer dan in 2019.

In totaal werd er in 2023 6,9 miljard kilometer gelopen. Het grootste deel wordt voor plezier afgelegd of voor een rondje met de hond. Ook wordt er veel gewandeld om boodschappen te doen of om uit te gaan of te gaan sporten. Nederlanders gaan zelden lopend naar het werk.

Tijdens corona was er een piek in het lopen omdat alles dicht was. Dat mensen nog steeds meer lopen nu sportclubs en sportscholen weer open zijn, is goed nieuws. Het wandelen lijkt een beetje in ons systeem gekomen. De pandemie heeft een grote rol gespeeld in de populariteit van wandelen. Ze ziet dat vooral ook jongeren zijn gaan wandelen.

Vaak gaat het bij wandelen over de grens van 10.000 stappen die je dagelijks moet halen. Alle beetjes helpen een bijdrage leveren aan je gezondheid. Grote studies laten zien dat 7000 of 8000 stappen ook voldoende is. Op oudere leeftijd ongeveer 5000 stappen. In feite zijn we evolutionair gemaakt om te wandelen, daarom is het zo gezond. Vroeger liepen wij uren om te zoeken naar voedsel. Ons lichaam is dus gebouwd om te wandelen.

Bronnen: nos.nl; fitvooralles.nl; seniorenkeuze.nl; www.loketgezondleven.nl; gezondidee.mumc.nl

Weet je dat ook weer

‘Weet Je Dat Ook Weer’ is het online videokanaal voor de nieuwsgierigen onder ons. Wij geven geen oordeel, het gaan puur om jouw verwondering. Terwijl je kijkt word je vermaakt, maar leer je ook nieuwe dingen. Iets waarvan je nooit had verwacht het te willen weten!

“Onze video’s maken we zo toegankelijk mogelijk, ongeacht het onderwerp. We focussen ons vooral op een verhaal wat vaak voor een klein groepje heel normaal is, maar voor de rest van Nederland op z’n minst bijzonder.”

Bart Lijdsman gaat op zoek naar de bijzondere wereld achter verrassende verhalen. Heb jij een goed verhaal? Check dan weetjedatookweer.nl. Of neem een kijkje op het YouTube-kanaal: www.youtube.com/@weetjedatookweer. Laat je verrassen door een onverwacht verhaal. Bijzondere plekken, bizarre beroepen en opvallende vragen.

Totaal onverwachts werd ‘Weet Je Dat Ook Weer’ geselecteerd voor de Televizier-ring Online-videoseries 2024! En daar zijn zij supertrots op! Het kanaal staat in de lijst met de laatste 25 deelnemers en nemen het op tegen grote kanalen als Enzo Knol, ANWB, Bankzitters, NOS en StukTV.

“Als klein kanaal zijn we al supertrots dat we in dit lijstje mogen staan. In augustus volgt de laatste stemronde en wie weet schoppen we het zelfs tot de top 3!”

Geheugen van Apeldoorn

Beleef de geschiedenis van Apeldoorn en omstreken met de beeldende verhalen bij het Geheugen van Apeldoorn. Het zet zijn geschiedenis digitaal op de kaart. Hier kunt u eindeloos dwalen langs honderden verhalen en objecten en duizenden afbeeldingen. Het Geheugen van Apeldoorn is een levend, collectief geheugen. Het is nooit af; net als bij de geschiedenis komt er elke dag een stukje bij.

De historische beleefroute Geheugen van Apeldoorn is een selectie van alle verhalen op de website van MijnGelderland. MijnGelderland vertelt het Verhaal van Gelderland. Dit is een heel veelzijdig verhaal. Daarom is er veel aandacht voor verhalen vanuit meerdere perspectieven, zodat geschiedenis en erfgoed voor iedereen toegankelijk zijn. Op de website wordt zo veel mogelijk informatie verzameld over alle vormen van erfgoed in Gelderland. Veel van deze informatie wordt aangeleverd door de erfgoedorganisaties in Gelderland en met name door de leden van Erfgoed Gelderland. We werken aan de veelzijdigheid van deze verhalen. 
De website is het startpunt voor iedereen die geïnteresseerd is in het erfgoed in onze provincie. Zij vertelt de geschiedenis van Gelderland, in canons, routes, specials en losse verhalen.

De begrippen historie en geschiedenis worden meestal door elkaar gebruikt, maar zijn eigenlijk niet hetzelfde.

  • Een geschiedkundige vertelt wat bekend is over de geschiedenis van een onderwerp. Dat hoeft niet correct te zijn, maar wordt wel breed gedragen. Een geschiedkundige vermeldt altijd zijn bronnen onder een artikel. Een geschiedkundige heeft altijd geschiedenis gestudeerd.
  • Een historicus onderzoekt een onderwerp en publiceert slechts als het onderzoek aanleiding geeft tot nieuwe inzichten. Dat hoeft ook niet correct te zijn, maar toont doorgaans wel aan dat de algemeen aanvaarde geschiedkundige aannames onjuist zijn en voegt kennis toe. Historisch onderzoek leidt meestal tot nieuwe onderzoeken van andere historici en zal als nader onderzoek de gegevens bevestigen uiteindelijk ook door geschiedkundigen verkondigd gaan worden. Een historicus benoemt geraadpleegde literatuur vaak wel in het artikel, maar doet niet aan bronvermelding. De historicus is namelijk zelf de bron. Een historicus heeft meestal geschiedenis gestudeerd, maar dat is geen voorwaarde.

Andere interessante websites over onze geschiedenis zijn o.a. erfgoedplatformapeldoorn.nl, historici.nl, geschiedenis.nl, npokennis.nl, isgeschiedenis.nl, historiek.net en absolutefacts.com.

Publicatie: 21-04-2021; gewijzigd: 03-07-2024.

Thuiszorg van de wijkverpleegkundige

Thuiszorg kan gaan om verschillende soorten hulp zoals hulp in de huishouding, begeleiding, persoonlijke verzorging en verpleging.
Verpleging en verzorging thuis is onderdeel van het basispakket van uw zorgverzekering. Er geldt geen eigen risico voor. De wijkverpleegkundige bekijkt samen met jou en eventueel jouw arts welke zorg je precies nodig hebt. Om in aanmerking te komen voor verpleging en verzorging thuis heb je geen verwijzing van een arts nodig. Je kunt zelf contact opnemen met een zorgaanbieder als je wijkverpleging wilt ontvangen. Bij het kiezen van een zorgaanbieder kun je advies vragen bij:

  • De gemeente;
  • Het sociale wijkteam van jouw gemeente (niet aanwezig bij elke gemeente);
  • De huisarts;
  • De transferverpleegkundige (verpleegkundige die na jouw ontslag uit het ziekenhuis zorgt dat je de juist zorg krijgt).

De huisarts of wijkverpleegkundige bespreekt samen wat je zelf nog kunt en welke verpleging en verzorging nodig is. Deze zorg wordt vergoedt vanuit de zorgverzekeraar. De wijkverpleegkundige helpt om de zorg te regelen samen met jouw familie of vrienden en andere professionele zorgverleners.

De wijkverpleegkundige coördineert vervolgens de thuiszorg voor je en stemt af met andere hulpverleners. Bijvoorbeeld de huisarts, een medisch specialist of de maatschappelijk werker. De wijkverpleegkundige let niet alleen op zorg gerelateerde thuiszorg. Wanneer je bijvoorbeeld hulp in huis nodig hebt of andere vormen van ondersteuning legt de wijkverpleegkundige hiervoor het contact met de gemeente. Zo wordt ook bijvoorbeeld huishoudelijke hulp geregeld als dat nodig is.

Om thuiszorg te regelen, neem je contact op de met de wijkverpleegkundige, deze is vaak in dienst van een thuiszorgorganisatie. De wijkverpleegkundige beoordeelt welke zorg je nodig hebt. Wil je vooraf advies dan kun je dit vragen bij jouw huisarts. Wijkverpleging wordt vergoed vanuit het basispakket van de zorgverzekering en er geldt geen eigen risico.

Alle verpleging en verzorging die je thuis krijgt, valt onder de noemer thuiszorg. Voorbeelden van thuiszorg zijn hulp bij aankleden en douchen, hulp bij het naar de toilet gaan. De medische zorg ontvangt je zo nodig van de wijkverpleegkundige. Voorbeelden van medische zorg zijn medicijnen klaarzetten en toedienen en wondverzorging.

Bronnen: rijksoverheid.nl; patiëntenfederatie.nl; regelhulp.nl.

Het grote verhaal van Apeldoorn

Apeldoorn kent een rijke geschiedenis die de stad, de omliggende dorpen en de natuurlijke omgeving haar identiteit geeft. De geschiedenis is tot op de dag van vandaag voelbaar en merkbaar in verhalen, archieven en het landschap, op locaties, bij objecten, gebouwen en historische figuren. Om de rijkdom en inspiratie uit het verleden ook in het heden een plek te geven, is Het grote verhaal van Apeldoorn in historische thema’s en verhaallijnen samengebracht.

Het grote verhaal van Apeldoorn vertelt over de stad en regio waarin we wonen, vanaf het moment dat de eerste mensen het gebied bezochten en zich vestigden tot nu. Van de eerste jagers en boeren, de opkomst van de ijzerindustrie tot beken, sprengen en papiermolens. En van de vestiging van het koninklijk huis in Apeldoorn tot de ontwikkeling van dorp naar stad. De website brengt de geschiedenis in beeld en nodigt inwoners van Apeldoorn, leerlingen, liefhebbers en (amateur)historici uit online een bijdrage te leveren. Zo is Het grote verhaal van Apeldoorn een levend verhaal van en voor ons allemaal. 

Verder lezen?

IJzerwinning op de Veluwe

De Veluwe als ijzerproductiecentrum met uitgebreide mijnbouw

In de vroege Middeleeuwen werd op de Veluwe op grote schaal ijzer gewonnen. Op verschillende plekken in het landschap zijn nog stille getuigen te vinden van deze ijzerindustrie. Archeologen lokaliseerden de afgelopen decennia bijvoorbeeld ijzerkuilen, houtskoolmeilers en slakkenhopen.

De Veluwe is in de vroege middeleeuwen het belangrijkste ijzerproductiecentrum van Noordwest Europa geweest. Geschat wordt dat op de Veluwe in enkele eeuwen tijd in totaal ruim vijftig miljoen kilo ijzer is geproduceerd. Toch is dit feit vrij onbekend. Recent is deze vroege Veluwse industrie opnieuw onderzocht. Hieruit is onder meer naar voren gekomen dat de periode waarin de ijzerproductie plaatsvond, waarschijnlijk langer is dan aanvankelijk werd aangenomen. Archeologen denken nu dat er ijzer werd geproduceerd van de vijfde tot de twaalfde eeuw na Christus. 

Ook zijn er veel meer vindplaatsen die met deze ijzerindustrie in verband kunnen worden gebracht en lijkt het gebied en de intensiteit van de productie veel groter dan gedacht. Waarom deze bloeiende industrie later is ingestort, is niet helemaal duidelijk.

Interessant is een nieuwe techniek die door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) is ontwikkeld om de herkomst van ijzer te kunnen bepalen. Hiervoor wordt de chemische samenstelling van ijzeren objecten vergeleken met zogeheten slakkenhopen, een bijzondere benaming voor het industriële afval dat na het winnen van de ijzer in het landschap achterbleef. Aan de hand hiervan heeft men onder meer aannemelijk kunnen maken dat de beroemde ‘sikkel van moerman’, die in 1956 in het Apeldoornse Orderbos werd gevonden door archeoloog Jaap Moerman, in de omgeving van Apeldoorn is gemaakt. Moerman vermoedde dit altijd al, maar bewijs hiervoor kon tot voor kort nooit geleverd worden.

Klapperstenen zijn bolvormige of eivormige ijzerconcreties van 1-15 centimeter doorsnede die in concentraties voorkomen in bepaalde stuwwallagen van de Veluwe. Ze bestaan uit een gladde of ruwe mantel van dunne laagjes van de mineralen limoniet of goethiet met een hoog ijzergehalte rond een kern van klei, leem en sideriet met een lager ijzergehalte. Door droogte kromp in de loop van de eeuwen vaak de kern, waardoor deze los kwam van de mantel. Hierdoor maken de stenen een klapperend geluid wanneer je deze heen en weer schudt. Geologen zijn het niet helemaal eens over de precieze vorming van deze klapperstenen: sommigen denken dat deze al ver vóór het meevoeren met het landijs in pleistocene rivierafzettingen zijn ontstaan, anderen denken dat ze pas na opstuwing
zijn ontstaan als gevolg van indalend grondwater in het Veluwemassief.

Dat juist op de Veluwe op grote schaal ijzer werd geproduceerd is niet zo verwonderlijk. In dit gebied waren veel klapperstenen te vinden waaruit ijzer gewonnen kon worden. Daarnaast bood de bosrijke omgeving voldoende mogelijkheden voor de productie van houtskool, benodigd als brandstof voor de ijzeroventjes. Deze ijzeroventjes, benodigd om de ijzer uit te smelten, konden overigens steeds maar één keer gebruikt worden, waardoor ook veel leem afgegraven moest worden om steeds nieuwe ovens te kunnen maken.

IJzerkuilen waaruit klapperstenen werden gedolven en slakkenhopen waar het afval werd gedumpt: op de Veluwe liggen nog steeds de zichtbare resten die het verhaal vertellen van de grootschalige vroegmiddeleeuwse ijzerproductie. Een verhaal dat in de vorige eeuw uitgebreid is geschreven, maar dat door nieuwe gegevens uit de afgelopen jaren aan herziening toe is.

Bronnen: Vroege Vogels; Historiek; Academia; Universiteit van Groningen