Staat de aarde nou wel of niet stil?

Je ligt ’s ochtends rustig in je bed, draait je om en wrijft nog eens in je ogen. In de verte hoor je misschien een vogeltje fluiten, maar verder lijkt er niets te bewegen. Toch wordt onze planeet met bijna 1.670 km per uur rond haar eigen as geslingerd en flitst ze met een duizelingwekkende 107.000 km per uur om de zon. Hoe kan dat nou, dat we geen achtbaan-ervaring opdoen terwijl we met deze snelheden door de kosmos razen?

Stel je voor dat je in een comfortabele auto zit die met constante snelheid over de snelweg zoeft: je voelt die snelheid niet omdat zowel jij als de auto de lucht meebewegen. Precies zo voelt het om op een draaiende aarde te staan. Ons hele lichaam en de lucht die we inademen draaien in een perfecte choreografie mee. Bovendien houdt de zwaartekracht ons stevig tegen het oppervlak gedrukt.

Maar stel nu eens voor dat je een natte handdoek probeert rond te slingeren: de uiteinden willen alle kanten op vliegen. Waarom blijven wij dan niet van de aarde afschieten? Omdat de aantrekkingskracht van de aarde veel sterker is dan de middelpuntvliedende kracht die bij rotatie vrijkomt. Alsof een luidruchtige tante je op een familiefeest stevig omhelst en je niet loslaat, hoe hard je ook probeert te ontkomen.

Toch zijn er mensen die zweren dat de aarde stilstaat. Ze beweren dat de zon, de sterren en zelfs vliegende vogels om ons heen bewegen, maar wij blijven keurig gepositioneerd. Met telescopen, satellieten en eeuwenoude observaties, denk aan zonnewijzers en de schaduwen die ze werpen, hebben wetenschappers allang bewezen dat de aarde zowel draait als om de zon reist.

Je kunt het ook anders bekijken. Hoe gaan we als mensheid om met de aarde!

Heel soms helpt het om je bewust te worden van de grootsheid waarin we leven. Het universum is zo’n 13,8 miljard jaar oud. Onze aarde is een jonge duizendpoot van zo’n 4,6 miljard jaar, en op die enorme schaal verscheen de eerste mens pas een fractie geleden: de vroegste op twee benen lopende aapmensen en mensachtige wezens, zo’n 7 miljoen jaar terug. Onze directe voorouders in het geslacht Homo ongeveer 2 miljoen jaar geleden, en Homo sapiens zelf slechts 190.000 jaar. De beschaving waarvan we nu genieten is nog maar 6.000 jaar oud, en de industrialisatie die onze wereld het meest veranderde is nog geen 250 jaar oud.

Elke dag verwonder ik me over hoe klein wij eigenlijk zijn. Het heelal is zo’n 13,8 miljard jaar oud; de aarde pas 4,6 miljard jaar. Het allereerste leven dook ongeveer 3,8 miljard jaar geleden op, en onze verre voorouders verschenen al zo’n 7 miljoen jaar geleden.

Als je de geschiedenis van de aarde op een klok van 24 uur zou zetten, dan verschenen wij pas in de laatste 10 seconden voor middernacht. En onze moderne industrie? Dat is niet meer dan een wimperknip in kosmische termen.

Laten we even een tijdpad construeren. Een wc-rol heeft gemiddeld zo’n 500 velletjes. Stel dat hiervan 40 vel zijn gebruikt (ja, het leven gaat door). Elk van de over­gebleven 460 velletjes vertegenwoordigt dan 10 mil­joen jaar van de 4.600 miljoen jaar dat de aarde bestaat en kan dan ook goed worden gebruikt als model voor een tijd­pad. De lengte van de rol geeft de tijd weer: het ene uiteinde het ontstaan van de aarde en het andere het heden.

Eencelligen verschenen na 350 vel voor het eerst, meercelligen pas 60 vel voor het heden. De dinosauriërs kwamen 22 vel voor het heden op en waren na acht vel weer verdwenen. De mens verscheen pas op 1/20 van het laatste vel. Onze bijna 2.000 jaar oude jaartelling zou passen op het laatste 1/5.000 deel van het laatste velletje! Uiteraard kunnen in dit model nog veel meer gegevens uit het verleden worden weergegeven. In vergelijking met de ouderdom van de aarde neemt de geschiedenis van de mensheid nog geen seconde in beslag!

De cijfers liegen er niet om; tot de industriële revolutie had de planeet nooit meer dan een miljard inwoners. Die mijlpaal tikten we pas aan rond het jaar 1806. Toen ging het hard. Door ontwikkelingen in onder andere het voedselaanbod, voedselveiligheid en de gezondheidszorg, stierven mensen (met name heel jonge kinderen) minder snel, en steeg de wereldwijde levensverwachting aanzienlijk. Van 32 jaar in 1900 tot gemiddeld 71 jaar in 2021. Zodoende leefden er rond 1927 2 miljard mensen op aarde, in 1960 waren dat er 3 miljard, in 1974 4 miljard, in 1987 5 miljard en slechts 12 jaar later noemden al 6 miljard mensen aarde hun thuis. In 2022 overschreden de grens van 8 miljard!

Toch bepalen wij, met ruim 8 miljard mensen, hoe het verhaal verdergaat: bossen worden gekapt, soorten sterven uit en de temperatuur op aarde stijgt en het klimaat verandert met ijzingwekkende snelheid. Het aantal mensen blijft maar toenemen, we blijven doorgaan met op aarde bouwen, consumeren en vervuilen we als nooit tevoren. En worden we het in de wereld niet eens over maatregelen.

In deze korte tijd dat wij op deze aardkloot bestaan, zijn wij in staat om er een hele grote puinhoop van te maken. Het is aan ons om verstandige keuzes te maken en zuinig te zijn op die ene en enige planeet die we écht hebben: hoe gaan we om met de planeet die we ons tijdelijk thuis noemen?

Dat we zo’n kleine fractie van de tijdlijn van het universum innemen, leert ons twee dingen:
• Vergankelijkheid van ons bestaan.
• We zijn slechts een vluchtige bliep. Laten we die tijd benutten!

Juist omdat we razendsnel door de ruimte reizen zonder het te merken, kunnen we achteroverleunen, genieten van zon en schaduw, dag en nacht, en nadenken over onze plaats in dit gigantische avontuur. En terwijl we dat doen, is het aan ons om de gordel van verantwoordelijkheid stevig om te leggen en de rit zo duurzaam mogelijk te maken!

Ugchelen, september 2025
John de Jager
doddendaal@icloud.com