Het grote cadeau-conflict

Sinterklaas, Santa en de strijd om het morele gelijk

Iedereen dacht altijd dat Sinterklaas en de Kerstman vriendelijke oude mannen waren die kinderen blij maakten. Dat was natuurlijk een illusie die door PR-bureaus in stand werd gehouden. In werkelijkheid waren het twee logge, overwerkte symbolen van seizoens-consumptie die elk jaar op het punt staan een burn-out te krijgen.

De jaarlijkse vergadering in september van de Wereldwijde Winterfiguren Alliantie (WWVA) in het neutrale Spitsbergen was uitgelopen op een catastrofe. De inzet? De decembermaand, de lucratiefste periode van het jaar. 

“Noem één ding,” donderde Sinterklaas, wiens mijter scheef stond van opwinding, “één enkel ding dat jouw rendieren kunnen dat mijn Spaanse volbloed niet kan, behalve dan, weet ik veel, vliegen in de dampkring zonder verbrandingsgevaar?”

De Kerstman, een man van omvang en met een strategisch geplaatste ‘ho-ho-ho’ om pauzes op te vullen, nam een slok van zijn fair-trade glühwein. “Efficientie, Klaas. Logistiek, branding,” antwoordde hij met een zalvende glimlach. “Mijn operatie is een geoliede machine. Drones, geautomatiseerde inpaklijnen, elfjes met nul-uren contracten die 24/7 doorgaan.”

“Elfjes!” sneerde Sinterklaas. “Dat zijn toch gewoon veredelde kabouters met een dwangneurose voor puntmutsen. Mijn Pieten zijn cultureel erfgoed! Ze strooien pepernoten, ze zingen, ze zijn… authentiek. Ze gebruiken tenminste geen plastic verpakkingen, ze komen nog met jute zakken.”

De Kerstman zuchtte theatraal. “Authentiek heet tegenwoordig ‘achterhaald’. Niemand wil nog vieze kolen in zijn schoen, Sint. Wij doen aan wishlists via de cloud. Gepersonaliseerd. Duurzaam. En mijn pak is iconisch. Rood met wit. Simpel. Effectief. Dat kledingadvies van jou lijkt op een fusierecept tussen de Paus en een kardinaal die verdwaald is in een circus.”

“Mijn tabberd is elegantie zelve!” reageerde de Sint, nu bijna schuimbekkend van woede. “En die baard van jou? Geverfd! Ik heb de bronzen medaille gewonnen bij de Europese Senioren Baardgroei Kampioenschappen van 2008!”

“Genoeg!” schreeuwde het onpartijdige rendier Rudolph, die de vergadering voorzat, nou ja onpartijdig? “We moeten de overlap minimaliseren. Iemand moet december vrijgeven aan de ander.”

De stilte die viel was ijzig, kouder dan de Noordpool in januari. Uiteindelijk, na een half uur van zwijgen, sprak de Kerstman de woorden die de vrede voorgoed zouden verbreken: “Oké, luister. Mijn team heeft de demografische gegevens geanalyseerd. De kinderen in Nederland geloven vanaf hun zevende jaar niet meer in jou. Vanaf dat moment ben ik aan de beurt. Het is een natuurlijke progressie. Ik ben de ‘goede-gever’ waar iedereen op wacht.”

Dat was de druppel. Sinterklaas gooide zijn staf (met een zilveren krul die hij van een eenhoorn had geleend) op de mahoniehouten tafel. “De ‘goede-gever’? Ik ben het origineel! Ik ben de founding father van het gever-zijn! Jij bent een Coca-Cola commercial in een slee!”

De Sint stormde de zaal uit, vloekend in onverstaanbaar Oud-Spaans over ‘culturele erkenning van het schoorsteen-concept’. Terwijl de Kerstman zijn schouders ophaalde naar een verbijsterde Rudolph, stapte de Sint op zijn schimmel, die ongeduldig buiten stond te wachten.
“Naar Spanje, Ozosnel,” mompelde hij. “En zeg tegen de hoofdpiet dat we volgend jaar in juli al beginnen met strooien. Concurrentie? Ik zal ze leren wat concurrentie is.”

De vete was officieel begonnen, en de kinderen van de wereld zouden er de dupe van zijn. Maar dat kreeg nog een staartje.

Op een druilerige dinsdag in oktober kreeg Sinterklaas een pushmelding op zijn telefoon: EU-commissie overweegt december te reorganiseren tot één uniforme feestdag: WinterGiftFeest.
De Sint las het drie keer. Eén feestdag? Zijn hele businessmodel gehalveerd. Piet vroeg nog: “Wat betekent dat voor ons?” De Sint bromde: “Dat ik straks een deeltijdcontract heb.”

Aan de andere kant van de wereld spuugde Santa zijn warme chocolademelk uit toen hij hetzelfde nieuws las. “Uniforme feestdag?! Dat is communistische efficiëntie vermomd als traditie!” schreeuwde hij tegen een geschrokken Rudolph.

De globalisering had hen allebei ingehaald.

De Sint was trots op zijn authenticiteit: sober, traditioneel, iets wat ruikt naar nostalgie en een vleugje magere melk. Santa daarentegen functioneerde op pure kapitalistische turbo: glitter, jingles, marketingbudgetten groter dan die van middelgrote landen. Maar nu werden ze beiden bedreigd door iets veel grimmigers: De algoritmes.

Kinderen schreven geen brieven meer. Ze maakten verlanglijst-TikToks en vroegen AI om gedichten. Santa zapte door zijn dashboard. Kinderen googelen mij niet eens meer! Ze zoeken op ‘easiest gifts with 1-day shipping’! De Sint keek naar de cijfers op zijn scherm. De helft van de kinderen weet niet eens wie ik ben, Santa! De ander helft denkt dat ik een samenwerking heb met ‘Bol.com’!

Beide mannen stonden op het podium tijdens een paneldiscussie bij het EU-congres: Tradities in de moderne economie; hoe hou je je baard relevant?
De moderator stelde een onschuldige vraag: “Hoe zien jullie de toekomst van december?”

De Sint schoot meteen in de aanval: “De toekomst? Misschien moeten we beginnen met minder plastic kerstrotzooi. Ik zie tegenwoordig zelfs opblaasbare rendieren! Je krijgt er meer CO2 van dan gezelligheid!”

Santa lachte scherp. “Oh ja? Jij levert je cadeaus per stoomboot, opa. Dat is letterlijk de prehistorie van fijnstof. Jij met je schimmel tussen je benen en je Zwarte Pieten probleem.”

De zaal werd ongemakkelijk stil. De Paashaas deed alsof hij onder de stoel viel om maar niet betrokken te raken.

Santa hield een donderpreek over globalisering: “Wereldwijd bereik! Supply chains! Schaalvoordeel! Daarmee help je mensen pas echt.”
Sinterklaas counterde met Europese melancholie: “Wat dacht je van cultuur? Tradities? Dingen die níét zijn ontworpen in een marketingmeeting met tien consultants? Daarbij komt nog het dierenleed, rendieren fokken en ze leren te vliegen, hou toch op, man.” 

Santa snoof. “Traditie? Je hebt een heel leger vrijwilligers dat onbetaald werk doet! Je bent praktisch een start-up met middeleeuwse arbeidsvoorwaarden. Rijd op een paard dat hij Ozosnel noemt, je kunt er zelf bijna niet meer opkomen, ouwe. Op daken rijden, kun je ook al bijna niet meer. Hoeveel witte paarden heb je wel niet, voor al die hulpklazen, schijnheilige.”
De Sint trok zijn wenkbrauwen op. “Jij laat elven 364 dagen per jaar werken in een werkplaats zonder Personeels-afdeling.” Santa: “Dat heet efficiëntie.” “Dat heet arbeidsrecht-schending”, reageerde de Sint.

Op het hoogtepunt van hun ruzie viel plots het licht uit. Een gigantisch hologram verscheen boven de zaal: Welkom bij WinterGiftFeest, nu volledig geautomatiseerd! Een monotone AI-stem sprak: Cadeaus worden voortaan direct gedownload. Geen Sint. Geen Santa. Geen vertraging. Geen emoties. Beide mannen staarden omhoog. En voor het eerst in decennia waren ze het eens.
“Hoe durven ze,” zei Santa. “Wij worden geautomatiseerd eruit geschreven!” riep de Sint. “Ze vervangen ons door… efficiëntie!” gilde een Piet. “En data-optimalisatie!” jankte een elf.

De Sint draaide zich naar Santa: “Santa. Wapenstilstand?” Santa knikte. “Voor vandaag. Dit is bigger than us, man.” Ze werkten samen. Niet elegant. Niet effectief. Maar wel met passie. Ze saboteerden de datacenters met pepernootkruimels. Rudolph ramde servers omver. De Pieten gooiden chocolademelk over de toetsenborden. Santa hakte de netwerkkabels door met gigantische suikerstokken.
Het hologram flikkerde uit. De AI riep nog: Waarschuwing: menselij… Maar het was te laat. De Sint en Santa stonden zwetend tussen rook en chaos. En heel even, héél even, voelde december weer menselijk aan.

Een week later zaten ze samen, vermoeid, glühwein in de hand. “Denk je dat we dit blijven winnen?” vroeg de Sint. Santa haalde zijn schouders op. “Geen idee. Maar zolang wij ruzie blijven maken, heeft niemand door dat we eigenlijk allebei proberen te voorkomen dat december één groot streaming-abonnement wordt.” Ze proostten.

Want uiteindelijk waren ze lotgenoten: twee iconen die wanhopig probeerden relevant te blijven in een wereld die liever snelheid heeft dan verhalen, en liever korting dan magie.

Toch fijne feestdagen!

Ugchelen, december 2025
John de Jager
doddendaal@icloud.com